Gravel met een Koareltje zout?

De jongste tijd worden we overspoeld door een tsunami aan gravelfietsen. En met Grinta! willen we graag berichten over alles wat leeft in de fietsbranche, al vragen we ons tegelijk af of gravel wel zo groot is en zo veel potentieel heeft als de fietsfabrikanten ons doen geloven. Nadat ik al aan een paar grote gravelevents in binnen- en buitenland deelnam, trok ik vorig weekend naar de eerste gravel ride van de Koareltjes van Wijndaele om uit te zoeken of gravel ook tot diep in West-Vlaanderen kan doordringen.

12/11/2019 - Tekst: Bart De Schampheleire // Foto's: Photography DQ

Eerlijk is eerlijk: het is met flink wat vragen dat ik op zondagochtend om 7.30 uur op de Ridley Kanzo Adventure testfiets met Shimano GRX onderdelen wip. Want een gravelrit op 9 november in de streek van Torhout, wat zal dat nog met gravelriding te maken hebben? Ik woon al een jaar of twaalf in de streek, heb hier al talloze offroad toertochten gereden en ken de wegels en paadjes inmiddels als mijn broekzak. En om die nu als ideale gravelwegen te omschrijven, dat is er misschien toch een beetje over. Daarenboven heb ik mijn twijfels bij de datum. Voor mij is gravelriding synoniem van barbecueën bij een ondergaande zon en een stevig streekbiertje erbij, maar midden november is het meestal geen weer om na een fietstocht in korte broek nog een paar tripels soldaat te maken. Dus vrees ik dat de ‘First gravelride van De Koareltjes van Wijndaele’ (de fietsclub is inderdaad genoemd naar de illustere wielerjournalist en bedenker van de Ronde van Vlaanderen, Karel Steyaert, die in het Torhoutse gehucht Wijnendale opgroeide en daar zijn roepnaam aan overhield) wel eens een spreekwoordelijke scheet in een fles zou kunnen zijn. Een idee van een fietsclub die vindt dat er in West-Vlaanderen al genoeg ‘mountainbiketochten’ (let op de aanhalingstekens) zijn en die op de golf van het gravelriding mee willen surfen om de clubkas te spekken.

Hekel

Een Nederlandse collega-wielerjournalist heeft een schurfthekel aan gravelriding en alles wat er bij hoort. Petjes met het klepje naar omhoog vindt ie belachelijk, baggy trousers zijn voor voetballers en gravelbikes zijn slecht gemaakte crossfietsen. Om nog van tattoos, baarden en geruite hemden te zwijgen.“En die ritten zijn ook allemaal hartstikke duur. Ik sta voor tien euro per weekend gewoon twee keer aan de start van een veldrit of toertocht”, voegde hij er recent nog Nederlands zuinig aan toe. De Koareltjes van Wijndaele vroegen 18 euro per deelnemer en zagen hun 75 startplekken vlotjes uitverkopen. Benieuwd of ik straks waar voor mijn geld krijg.

Foto rechts: Een Open UP met 650b banden is de perfecte illustratie van hoe veelzijdig een gravelbike kan zijn. Een beetje MTB, een vleugje race, nog een scheutje cross en je kunt er overal mee uit de voeten.

Ontwikkelingswerk

De zon is net op, maar het kwik in de thermometer weigert vooralsnog mee te werken als ik rond acht uur het ‘centrum’ van Wijnendale in fiets. De straat voor Taverne Stadhuis is met dranghekken verkeersvrij gemaakt, de Grinta!-spandoeken verroeren amper in het lichte briesje en een paar vuurkorven zorgen voor de gezelligheid. In de taverne is er koffie met een stapel ontbijtkoeken waar je amper overheen kunt kijken. Voor de taverne had ik al een allegaartje van fietsen zien staan, van beachracers over crossfietsen tot echte gravelbikes. In de taverne ontmoet ik een paar oude bekenden. Schriever is een West-Vlaming die als een van de eersten door het gravelvirus werd besmet, Voaske organiseert in Hamont-Achel Smugglers Path en is deze ochtend om vijf uur in de auto gestapt om uit te vissen wat gravelriding in West-Vlaanderen betekent. De gravelscene is zich nog volop aan het ontwikkelen en de organisatoren gaan graag bij mekaar deelnemen. Enerzijds om samenwerkingsverbanden te smeden en zo hun deelnemers met mekaar te delen, maar even goed om van mekaars organisatorische plus- en minpunten te leren.

Gravelbike, crosser of mountainbike: iedereen is even welkom.

Stokken

Nadat het pelotonnetje in het West-Vlaams en het Engels de laatste instructies heeft gekregen (“dit is geen wedstrijd”, “heb respect voor de privé-terreinen waar we over rijden” en “geen afval op de omloop aub”) klik ik om klokslag 8.30 uur mijn voeten vast in de pedalen. Met het plan om er een rustige duurtraining van te maken, al ken ik mezelf goed genoeg om te weten dat er weinig nodig is om zo’n plan in duigen te laten vallen. En ook deze keer is het al snel van dattum, we zijn nog geen vijf kilometer onderweg of ik hang al half tussen mijn kader geplooid om een eerste groepje te volgen. Het gaat met horten en stoten in de groep want de verschillende renners (veel mannen op mountainbikes die voor de gelegenheid banden met weinig profiel gemonteerd hebben) hebben niet de moeite genomen om de GPX-track in hun GPS-toestel in te laden of hebben weinig ervaring met het rijden op GPS. De onzekerheid bij splitsingen zorgt er voor dat het tempo vaak stokt, wat mij dan weer de kans geeft om eventjes uit te blazen.

Over gravelpaden die naam echt wel waardig scheuren we door Aartrijke en Zerkegem, dorpsnamen waar de gemiddelde Vlaming niet meteen een locatie op de kaart kan bij bedenken. Bij de eerste bevoorrading in Veldegem ben ik twee keer aangenaam verrast. Een eerste keer door de kwaliteit van de bevoorrading, een tweede keer als ik de gemiddelde snelheid op mijn fietscomputer aflees: net geen 28 per uur. Beduidend sneller dus dan op een doordeweekse offroad toertocht in West-Vlaanderen, maar tegelijk ook gemakkelijk uit te leggen. Want de organisatoren van die ‘gewone’ offroad toertochten proberen de lange, rechte paden die voor de meeste mountainbikers als saai overkomen af te wisselen met passages over privéterreinen waar je driehonderd keer rond zes bomen moet slalommen. En dat laatste haalt je gemiddelde snelheid flink naar beneden. Niks van dat bij de Koareltjes want zij laten die privéterreinen en trage singletracks bewust links liggen zodat je op de langere dreven en paden je gravelbike eens goed de sporen kan geven. Hier en daar kom je dan wel eens een strookje modder tegen, maar die is nooit langer dan honderd meter en ook op gravelbanden met een profiel van lage, ronde nopjes kom je er probleemloos doorheen.

Na de eerste bevoorrading besluit ik in mijn eentje verder te fietsen, de hele ochtend achter die snelle mannen aan hollen heeft weinig zin want er volgen nog vijftig kilometers én ik moet nog tien kilometer terug huiswaarts op de fiets. Verrassend is het traject voor mij niet want de meeste paden in de streek ken ik, genieten is het wel want de techniciteit van het parcours is prima afgestemd op wat gravelriding voor de gemiddelde beoefenaar van deze sport moet zijn.

Met pannenkoeken scoor je altijd

Bij de tweede bevoorradingspost in het Groenhovebos in Torhout zijn er zowaar pannenkoekjes en daarmee scoort een organisatie altijd bij mij. En bij de laatste stop -op amper een kilometer voor de finish, in het gezellige fietsenwinkeltje Cyclo Boutique- is er een glaasje Jägermeister. Die komt overigens redelijk stevig binnen want mijn energiepeil is in de laatste 25 pittige kilometers door onder andere het Wijnendalebos tot ver onder het minimum gedaald en dan hakt zo’n glaasje alchol er flink in.

De juiste prijs

Bij Taverne Stadhuis zijn de vuurkorven inmiddels opzij geschoven om plaats te maken voor de lokale fietsenmaker die een aantal gravelbikes van verschillende merken toont. In de najaarszon is het net te doen om op het terras de gratis Kwaremont weg te werken, voor de spaghetti installeer ik mij echter wel binnen. Terwijl de pasta vlotjes naar binnen gaat, is iedereen het er over eens dat dit een fijne fietsdag voor een heel correcte prijs was. Want lijkt 18 euro voor een fietstocht aanvankelijk misschien veel, dan beoordeel je dat naderhand wel anders als je een ontbijt, een heerlijke rit met prima bevoorradingen en een bord pasta met een biertje achter de kiezen hebt.

Evalueren met Piet

Op de terugweg huiswaarts neem ik de tijd om in regelrechte Piet Huysentruyt-stijl (ook een West-Vlaming) de eerste gravelrit van de Koareltjes van Wijndaele te evalueren. Want wat heb ik deze ochtend geleerd?

Ten eerste: dat gravel een heerlijke aanvulling op het fietsaanbod is en dat het ook in een weinig uitdagende fietsstreek zoals de omgeving van Torhout potentieel heeft.

Ten tweede: dat de gravelscene een blijvertje is en dat de sfeer bol staat van de gezelligheid.

Ten derde: dat niet elke organisator van een offroad toertocht ineens het geweer van schouder moet veranderen om ook op de kar van het gravelriden te springen. Laat de klassieke offroad toertochten (vrij startuur, vrije keuze van fiets, technische singletracks in het parcours ) en de gravelrides (groepsstart, bij voorkeur op een gravelbike, minder technisch parcours) naast mekaar bestaan. Zo krijgen de twee sporttakken en de twee communities de kans om zich verder te ontwikkelen.

Alle informatie over de Koareltjes van Wijndaele vind je op de website van de vereniging.

Tags:

Gerelateerde artikels

blog Der Lokomotiv stoomt naar de Kilimanjaro
20/12/2018 - Bart De Keyser

Der Lokomotiv stoomt naar de Kilimanjaro

Al sinds mijn zes jaar verkoop ik aan de Gentse grootwarenhuizen ‘peetjes’ voor het goede doel, eerst voor Vredeseilanden en nu voor Rikolto, de opvolger van Vredeseilanden. Rikolto organiseert al acht jaar mountainbikereizen naar de regio’s waar projecten worden ondersteund en iedereen die aan zo’n reis wil deelnemen moet drieduizend euro inzamelen voor de projecten van Rikolto. Ik schreef mij in voor de Kilimanjaro Classic 2018 die voor midden september in Tanzania op de planning stond.