‘Oude’ Valverde nestelt zich in dit illustere rijtje

Heel wat supporters hadden zondag een brok in hun keel toen Alejandro Valverde zijn regenboogtrui om de schouders kreeg. Vijftien jaar na zijn eerste WK-medaille schoot hij eindelijk raak. Met zijn 38 jaar en 158 dagen is hij een oude wereldkampioen, maar niet de oudste. We doken in de archieven en zochten naar de vijf oudste wereldkampioenen op de weg.

01/10/2018 - Tekst: Redactie // Foto's: Santini

Joop Zoetemelk (1985): 38 jaar en 272 dagen

De oudste wereldkampioen komt uit Nederland. Joop Zoetemelk eindigde acht maal in de top 10 en had dertien WK-deelnames nodig om uiteindelijk het hoogst haalbare te grijpen. In 1985 sloop hij weg uit een sterke groep. Landgenoten verstoorden de orde daarachter en zorgden dat de concurrentie geen succes hadden in het achtervolgingswerk. Zoetemelk kon het achteraf niet bevatten. “Ik ben helemaal geen klassieke renner, ik kan eigenlijk niet winnen”, sprak hij in het flash interview. “Niemand geloofde erin, ikzelf ook niet.”

Alejandro Valverde (2018): 38 jaar en 158 dagen

In 2003 stond Valverde voor het eerst op het podium. Toen greep hij de zilveren plak en stond hij naast zijn landgenoot Igor Astarloa. Twee jaar later evenaarde hij zijn prestatie in Madrid; het was Tom Boonen die Valverde in eigen land de baas was. In Salzburg (2006), Valkenburg (2012), Florence (2013) en Ponferrada (2014) ging ‘El Imatido’ telkens met een bronzen medaille in de koffer terug naar huis. Dit jaar stapte hij eindelijk op het hoogste schavotje. Niemand minder dan Peter Sagan mocht de gouden medaille uitreiken.

Stan Ockers (1955): 35 jaar en 206 dagen

Het wereldkampioenschap van 1955, in het Italiaanse Frascati, was er eentje om de vingers bij af te likken. Stan Ockers ging solo in achtervolging op de kopgroep. Hij kwam erbij en liet zijn medevluchters in de laatste ronde achter. Pas een minuut later was het de Luxemburger Jean-Pierre Schmitz die over de streep bolde, Germain Derycke maakte het podium compleet. Ockers eindigde een paar jaar later nog eens vierde op het WK. Het zou een van zijn laatste wapenfeiten worden. Enkele maanden later overleed hij, zeer tragisch, op de piste van Antwerpen. Ockers was pas 36 jaar oud toen het noodlot toesloeg.

Mario Cipollini (2002): 35 jaar en 205 dagen

In 2021 komt het WK opnieuw naar België. De laatste keer dat het WK-circus neerstreek in het land was in 2002. Na een vlakke en snelle wedstrijd kwamen de renners aan op het circuit van Heusden-Zolder. Een valpartij ontsierde de finale. Wie rechtop bleef, was Mario Cipollini. Hij bleef in de sprint iedereen voor en pakte de regenboogtrui. Het was een score van één op één, want nooit eerder had ‘Mooie Mario’ aan de start gestaan van een WK. Robbie McEwen en Erik Zabel maakten het podium compleet.

Fausto Coppi (1953): 33 jaar en 349 dagen

Fausto Coppi kwam te vroeg aan het einde van zijn leven. Maar hij zou wel op hogere leeftijd wereldkampioen worden. ‘Il Campionissimo’ was de grote favoriet voor het WK van 1953 in Lugano en maakte de hooggespannen verwachtingen waar. De Italiaan sprong in de veertiende ronde weg uit de kopgroep. Het was alleen Germain Derycke die hem kon volgen. Op 25 kilometer van de meet moest hij Coppi echter laten gaan. Derycke kwam uiteindelijk op meer dan zes minuten van de nieuwe wereldkampioen binnen. Hij verklaarde na afloop dat hij dacht te sterven na de geweldige krachtsinspanning van Coppi.

Tags:

Gerelateerde artikels