Cycling 4 Life: Rondje voor de goede zaak

“Keizer van ‘t Kuipke”. Of “Koning Ketelke”. Het kan zomaar de titel zijn van een nieuwe strip of sprookje. Met verder ook een hoofdrol voor kleurrijke figuren als Mijnheer De Pauw, Bolle Gijs en Olly Wood. Jaarlijks ben ik een trouwe bezoeker van de Gentse Zesdaagse, waar de artiesten hun kunstjes vertonen op de 166 meter lange houten piste. Het maakt me niks uit als ze in een donkere koffiekamer al hebben beslist wie wint na zes dagen. Het spektakel dat er wordt vertoond is elk jaar uitmuntend en de keuze om het te aanschouwen telkens weer zelfbevestigend. Sinds ik vorig jaar zelf eens op de piste reed is de bewondering er niet minder op geworden.

13/12/2017 - Tekst: Steven Verniers // Foto's: Michaël Salens

Die eerste keer. Ik herinner het me nog levendig. Hoe ik binnenstapte in het Vlaams Wielercentrum Eddy Merckx met een behoorlijk klein hartje en een groot ei in de broek. En hoe dat bochtje van 45 graden toch een aardige muur leek. Voorzichtig reed ik er mijn eerste rondjes. Het voelde een beetje als opnieuw leren fietsen. Onwennig als het is, zo zonder remmen. De Côte d’Azur, hoe aanlokkelijk ook, zag er woest en ruw uit. Ik vertoefde wellicht langer dan nodig op het strand, starend naar de zee en de mensen die het reeds hadden aangedurfd. Tot iemand me de weg wees en me meenam in zee. Eens de eerste golf genomen, volgden snel ook de rode boei en vervolgens de blauwe. Ik herinner me dat ik twee uren later, net als de meesten trouwens, vrij euforisch de baan afstapte in de wetenschap ‘boven gereden te hebben’. Een angst overwonnen en me even pistier gevoeld. Naast euforisch was ik ook vrij uitgeput.

Lastige stiel.

10 December 2017 is een koude winterdag. Met sneeuw in de ochtend en gladde wegen. Maar tegelijk is het ook een erg warme dag want net als bij Cyclocross 4 Life worden ook hier rondjes gereden voor het goede doel. Véél rondjes, een recordopkomst. Zelf kies ik voor een wat 'rustiger' tijdstip in de vroege avond. Ik mag dan wel al wat vertrouwd zijn met de houten ovaal in de Gentse Blaarmeersen, mijn eerdere ervaringen zijn initiaties met 25 mensen waarvan steeds de helft van de deelnemers op het middenplein aan het uithijgen is. Voordeel is wel dat ik straks zelfzeker aan de initiator kan zeggen dat ik ervaring heb en dat ik dus de piste op mag zonder introductie. En dat ik mijn huurfiets heb uitgerust met een snelheidssensor, zodat ik mijn rondjes ook in cijfers kan aflezen op het einde van de rit. Bij mijn aankomst krijg ik van de vriendelijke dame een roze en een zilverkleurig armbandje. Niet meteen een teken van veel testosteron, met die dingen om de arm. Het geeft aan tijdens welke uren ik de baan op mag zodat het allemaal een beetje gestructureerd verloopt straks. Ik reserveerde een stek tijdens twee aansluitende tijdsloten. Het monteren van mijn fietspedalen gaat erg vlot zonder wachtrijen dus sta ik in geen tijd op het middenplein met mijn geleende witte bolide. Verschillende eveneens witte tuinstoelen staan in rijen opgesteld zodat iedereen er zijn eigen zone heeft om drank en wat kledij achter te laten.

17u01. "Ervaring, mijnheer?". "Jazeker", antwoord ik vastberaden. "Ik was hier al drie keer eerder", bedenk ik erbij. Maar die drie keer volstaan inderdaad ruimschoots om na een halve ronde de baan op te zwiepen en de snelheid op te drijven. Ik moet een beetje wennen aan wat mij eerder chaotisch overkomt. Het helpt ook niet dat in de volgende bocht twee mensen in elkaar zijn gehaakt op het vlakke. Stoppen en afstappen lijken gevaarlijker dan gewoon fietsen. Er is geen peloton op de baan, enkel individuen die her en der verspreid over de piste hun rondjes malen. Als in een koers zonder overzicht laveer ik door de menigte. Tegen de balustrade is er wel een viertal dat aardig snelheid maakt. Ze gaan me vlot voorbij, maar vele rondes later rij ik gewoon weer aan de leiding van hun groepje. Heerlijke sport. Het duurt ongeveer tien rondes. En dan is je mond zo droog als een pak beschuit. Bij gebrek aan een bidon op de fiets heb je de keuze tussen even stoppen of droog verder rijden. Lange tijd ga ik door, maar als het niet meer te harden is laat ik me uitbollen om van mijn bidon te slurpen. We moeten trouwens toch van de piste alvorens een nieuwe kleur armbandjes toegelaten wordt. Vaarwel roze, welkom zilver.

In het begin van de tweede sessie heb ik het juiste wiel gevonden. Onze hoofdredacteur is van alle markten thuis en probeert de groep te mennen aan een constante snelheid van ongeveer veertig kilometer per uur. 23 seconden per rondje, ze vliegen nu letterlijk voorbij. Vier rondjes verder, alweer een kilometer. Zo gaat het goed, zo gaat het beter! 220 keer vlam ik in totaal over de streep vandaag om vlak voor 19 uur voldaan en met te weinig doorbloede ledematen van de fiets te stappen. Ik zit zo in de flow dat drinken voor mij niet meer hoeft in het tweede uur. Dat doen we nadien wel. Liever fiets ik nog wat extra rondjes dan die omslachtige procedure van uitbollen, afstappen, drinken en terug op gang trekken. Dit evenement gaat na mijn passage nog één uurtje door vooraleer de deuren gesloten worden. Waar het bij mijn eerste keer op de piste vooral om de ervaring ging, gaat het ondertussen al meer om trainen. Fietsen in zijn meest elementaire vorm. Een houten baan, een witte fiets en ikzelf. En trappen maar.

Eerder op de dag waren naast Koning Ketelke en Mijnheer De Pauw ook Frederik Sioen, peter van Vélo Afrique, aan de slag op de piste. Vélo Afrique is het goede doel van Cycling for Life en staat voor beter onderwijs in Afrika. Het gebruikt de ingezamelde gelden om daar ter plaatse werk van te maken. Frederik ging samen met Vélo Afrique fietsen in Kameroen en bezocht de locatie waarvoor geld wordt ingezameld. Het werd een kippenvelmoment, dat hij zelf als volgt omschreef: “Deze held gaat tot aan het gaatje. Tot de aankomst. Tot de school, waar een podium voor ons klaar staat. Waar kinderen een lied voor ons zingen. Waar 900 leerlingen minutenlang voor ons in de handen klappen. Waar ze een toneeltje hebben voorbereid. Omdat deze fietsers geld brachten. Voor een paar extra zakken cement, stenen voor de muren, planken voor de daken, een bankje in de klas, een krijtbord aan de muur, een potlood, een pen, een boekentas. Deze fietsers brengen hoop. En hoop doet studeren." En verder: "Ik krijg een krop in de keel. Kippenvel. Tranen in de ogen, telkens ik er aan terugdenk. Dat moment is 'priceless'. Dat ene moment waarop je beseft dat je de wereld wél veranderen kan. Dat een individu wel een verschil kan maken, zelfs in deze wereld van gelatenheid en onverschilligheid.” En zo werden al de rondjes van al die mensen op de Gentse piste toch nog een beetje een sprookje. Werd deze koude dag met sneeuw en ijs, wel degelijk een heel erg warme dag. En werden de vele leuke momenten omgezet tot een ‘priceless’ moment met de overhandiging van een cheque van meer dan 13.000 euro. Iedereen op of naast de piste heeft, zelfs een beetje letterlijk, zijn steentje bijgedragen.

Laatste artikels

news
20/01/2018 - Bart De Schampheleire

Interview Gary Fisher: “Fietsen maakt van ons gelukkiger mensen”

Gary Fisher stond aan het eind van de jaren zeventig mee aan de wieg van de mountainbike en is de voorbije veertig jaar de mountainbike blijven vernieuwen. Sinds zijn fietsenmerk opging in het grote Trek zette Fisher een andere pet op en denkt hij mee na over de mobiliteit van de toekomst. Op de laatste dag van Velofollies wordt hij om 15 uur in de praatarena in hall 5 van geïnterviewd, Grinta! kon hem op de zaterdag van de beurs al strikken voor een interview.