E-mountainbiken geen sport? Think again!

Vorige zaterdag werd in het kader van de Mountainbike van Vlaanderen op de flanken van de Hotondberg in Ronse de eerste editie van de E-Mountainbike van Vlaanderen georganiseerd. Als er nieuws te rapen valt, dan weet je dat Grinta! op de eerste rij zit en dus trokken we met een elektrische mountainbike naar de stad op de taalgrens om uit te vissen hoe leuk of hoe saai E-mountainbiking is. Bij deze alvast een waarschuwing: na het lezen van dit artikel bestaat de kans dat je een nieuwe verslaving te pakken hebt!

27/08/2019 - Tekst: Bart De Schampheleire // Foto's: David Stockman

Een geleend paard

“Je doet toch mee aan de E-MTB van Vlaanderen? Je fietst veel en je hebt een hoop kilometers op de motor gereden, dus dan is zo’n wedstrijd voor mountainbikes met elektrische trapondersteuning toch iets voor jou?”, daarmee had Peter Deconinck, organisator van de Mountainbike van Vlaanderen, me warm gemaakt voor zijn evenement. Mijn aandacht had hij meteen, maar daarmee had ik nog geen fiets… De vraag naar elektrische testmountainbikes is bij de fietsfabrikanten tegenwoordig ongeveer even groot als de populariteit van blondines met een cupmaatje D en staalblauwe ogen op Tinder, dus gemakkelijk zijn die fietsen niet te krijgen. Bij Specialized kon ik wel nog een nieuwe Turbo Levo Comp van 5.799 euro ballen losweken, evenwel in een damesversie. Ook een geleend paard kijk je echter niet in de bek en ik was sowieso al blij dat ik een fiets had en in maatje Large paste de damesfiets me nog wonderwel ook. Hotondarena: here I come!

Trek het je niet aan

Alhoewel, ik heb ondertussen wel een fiets, maar de volgende vraag dringt zich al op: wat trek je aan voor een E-MTB wedstrijd? Ga ik voor full lycra, dan word ik daar straks ongetwijfeld voor een verloren gelopen wielrenner uitgelachen. Dan maar mijn ‘full battle dress’ uit mijn endurotijdperk op de motor, inclusief full face helm, harnas en kniebeschermers? Hmm, dat zou ook een beetje over the top kunnen zijn want ik heb geen flauw idee hoe technisch (en dus ook gevaarlijk) het parcours zal zijn. Na een half uur twijfelen voor de kleerkast (ik lijk wel mijn vrouw!) ga ik voor een compromis: baggy trousers en een loose fit shirt met een mountainbikehelm met klep en handschoenen met lange vingers. Omdat ik meer ervaring heb met SPD-pedalen dan met vlakke pedalen ga ik voor de klikpedalen in combinatie met een paar cross-schoenen met harde zool, ik ga er immers van uit dat ik nog flink zal mogen bijtrappen.

Van lycra en een T-shirt over een motorcrossbroek en gympen tot een volledige motorcrossuitrusting: ook de dresscode bij het E-MTB is nog stof voor discussie...

Technische controle

Het E-mountainbiken zweeft een beetje tussen de fietssport en de motorsport zodat er op vlak van organisatie ook nog geen duidelijkheid is. De UCI wil alle fietsdisciplines met elektrische trapondersteuning wel onder zijn vlag onderbrengen (wat eigenlijk ook logisch is), maar nog niet alles staat juridisch op punt. Vandaar dat de E-MTB van Vlaanderen georganiseerd werd door de FMB-BMB, de Belgische motorrijdersbond. En daar hoort een aparte procedure bij want net zoals dat voor motorcrosswedstrijden en motorraces op circuit geldt, moet je voor een E-MTB race je fiets en je helm aanbieden voor een technische controle. Niet dat er écht diep wordt op ingegaan en voor ik het weet kleeft er al een OK-sticker op mijn fiets.

In de open categorie komen tuigen aan de start die al heel dicht bij een crossmotor aanleunen.

Procedures

Ook op vlak van de indeling van de categorieën en de manier waarop de wedstrijden verreden worden staat het E-mountainbike nog in zijn kinderschoenen. Voor de E-MTB van Vlaanderen worden de twintig deelnemers in twee groepen ingedeeld: elf heren (waaronder ikzelf) strijden in de categorie tot 25 kilometer per uur, de negen andere mannen (er nam inderdaad geen enkele vrouw deel) krijgen een plekje in het startveld van de ongelimiteerde fietsen. Heel concreet: ik neem deel in de categorie waarin de fietsen slechts elektrische trapondersteuning bieden tot 25 kilometer per uur en je moet sowieso trappen om ook van de trapondersteuning te kunnen genieten. Een categorie waarin de tuigen nog vrij herkenbaar zijn als fietsen. In de open klasse is de grens tussen een E-MTB en een crossmotor al een stuk kleiner want deze ‘fietsen’ hebben veel krachtiger motoren en zwaardere batterijen waardoor ze een stuk sneller kunnen rijden. Daarenboven zijn de meeste van deze fietsen voorzien van een gashendel en rijden ze ook als je niet trapt. Beide categorieën beginnen met een tijdrit over één ronde waarna de categorie tot 25 kilometer per uur twee reeksen van vijftien minuten zal rijden en de mannen in de reeks zonder technische beperkingen één wedstrijd van 25 minuten zullen afwerken.

Ik rij met een vliegmachien!

Ik heb de Specialized Turbo Levo Comp pas een dag voor het evenement kunnen ophalen waardoor de aanpassingstijd beperkt is gebleven tot de batterij opladen, het zadel min of meer op hoogte instellen en de pedalen monteren. De tijdrit over één ronde geldt dan ook als verkenningsronde van de omloop én gewenningsronde aan de fiets. Meteen na de start duik ik een eerste keer de put van de ‘Hotondarena’ in, een indrukwekkende site en een ex-motorcrossterrein waar het publiek een schitterend overzicht over heeft. Hoewel we slechts drie wedstrijdjes moeten rijden en de duur daarvan beperkt zal zijn, zet ik de Turbo Levo in stand 2 wat de trapondersteuning betreft. Daarmee denk ik de gulden middenweg te vinden tussen ‘voldoende trapondersteuning om overal boven te geraken’ en ‘de batterij een beetje sparen om de drie wedstrijden probleemloos te kunnen uit fietsen’.

Was de eerste afdaling al pure fun, dan is de eerste klim een regelrechte eye-opener. Het steile hobbelpad was ik op een gewone mountainbike ongetwijfeld niet boven geraakt, maar met de stevige duw in de rug van de sterke elektromotor er bij vlieg ik de helling naar boven. Correctie: echt vliegen is het niet, het voelt alleen maar zo. Anders dan bij een gewone mountainbike moet je een stuk verder vooruit kijken en ongeveer een rijlijn uitzetten waarna je honderd procent moet vertrouwen op het samenspel van spierkracht en elektrische power.

Uit de bocht

Ondanks het hogere gewicht is de fiets bergaf perfect te besturen, op voorwaarde dat je een wat meer motorcrossgerichte rijstijl hanteert. Dus een beetje harder over dat eerste bultje om meteen ook over het tweede bultje te vliegen en in de bochten moet je nadrukkelijk op het brede stuur gaan leunen om de fiets in de bocht te duwen. Een beetje zoals ik op mijn eerste les motorcross ooit kreeg aangeleerd: wat meer gewicht naar voor, ellebogen hoog en duwen op de stuurhelft aan de binnenkant van de bocht. In de verste lus op het parcours hebben de organisatoren op een steile klim een slalom in het parcours gestoken en die vergt toch wel wat stuurmanskunst en ervaring met E-Mountainbiken. In dat korte links-rechts draaien bergop moet je immers heel voorzichtig met de ondersteuning van de elektromotor omspringen want van zodra je in de bocht de duw in de rug krijgt van de elektrische trapondersteuning, dan schiet je vooruit en vlieg je letterlijk uit de bocht. In het laatste stuk van de omloop zit een korte, megasteile afdaling waarna we het bultje weer op moeten. De helling is zeker 35% steil, maar als je een aanloopje neemt en in de klim de motor vol aan het werk zet, dan vlieg je zo naar boven. Het is een kwestie van vertrouwen hebben in mens en machine. Na de tijdrit van één rondje hangt mijn tong tussen mijn spaken en ben ik al een heel klein beetje verslaafd: dit is dolle pret.

In de open categorie stond geen maat op Peter De Frenne.

Droge bek

Net zoals dat in de motorsport gebruikelijk is, wordt de startvolgorde voor de eerste manche gebaseerd op het resultaat van de tijdrit. Mijn tijdritje was goed voor een zesde plaats en dus mag ik op de derde rij van de startgrid plaats nemen, net echt! Al na een halve ronde van de eerste reeks zijn de waardeverhoudingen duidelijk: vooraan bikkelt een vijftal met meer E-MTB ervaring en eerder crosscountry gerichte E-mountainbikes om de topposities. Achter mij rijdt een vijftal dat duidelijk veel minder E-MTB ervaring heeft en vooral eens komt kijken wat het inhoudt. En ik, ik hobbel er op mijn eerdere endurogerichte fiets vlotjes tussendoor. Het tempo van de kopgroep kan ik niet aan omdat ik nog te veel werk heb met mijn rijstijl aan te passen aan de nieuwe fiets, maar de achtervolgende groep kan ik al bij al gemakkelijk afhouden. En ondertussen amuseer ik mij als een klein kind. Vergis je overigens niet in de fysieke lastigheidsgraad van E-mountainbiken, het is niet omdat je bergop een duwtje in de rug krijgt dat er niet op de pedalen gestampt moet worden. Na vijftien minuten springen, draaien, keren, stof happen en stompen incasseren rol ik met een kurkdroge bek als zesde over de streep. Ik heb wel een bidon bij op de fiets, maar in de korte manche heb ik simpelweg de tijd niet gekregen om te drinken. Het was immers altijd iets: klimmen, dalen, sturen of springen.

Oververhit

Terwijl de negen mannen uit de ongelimiteerde categorie over het parcours vlammen, stel ik de achtervering van de Turbo Levo Comp wat bij. Het mag iets soepeler achteraan, vind ik, om bergop meer tractie te krijgen en om bergaf de funfactor nog wat op te krikken. Ex-wielrenner en ex-motorcrosser Peter De Frenne is outstanding bij de E-mountainbikers op ongelimiteerde tuigen. Zonder technische problemen en met de inzet van nog flink wat spierkracht rijdt De Frenne de tegenstand op een hoopje, sommige van die tegenstanders vragen zo veel van hun elektrische brommers/fietsen dat de motoren oververhitten en ze een korte break moeten inlassen. Nog een bewijs dat de grens tussen fietsen en motorsport in deze categorie wel flinterdun wordt.

Leren is leuk

Voor de tweede en laatste manche weet ik dat het moeilijk wordt om mijn resultaat uit de eerste reeks te verbeteren, de vijf heren vooraan hebben de discipline al beter onder de knie terwijl ik nog volop aan het leren ben. Maar oh wat is dit leren fijn. Met de vering wat soepeler vind ik bergop inderdaad meer grip en is het bergaf nog plezanter. Kwestie van het publiek op de tribune ook wat te bieden gooi ik er in de eerste afdaling steevast een sprongetje bovenop en ik vind steeds beter de balans tussen zelf trappen en de hoeveelheid trapondersteuning die je van de motor mag vragen. Gezien de korte duur van de wedstrijdjes is de batterijcapaciteit tijdens de E-MTB van Vlaanderen van weinig belang, maar ik kan mij inbeelden dat in langere wedstrijden de juiste inschatting van de resterende batterijcapaciteit de wedstrijd voor de deelnemers een extra dimensie geeft. Als ik na de tweede reeks opnieuw als zesde over de streep rol, ben ik letterlijk en figuurlijk helemaal over de streep.

Keek ik aanvankelijk nog wat argwanend naar E-MTB races, dan heeft de microbe mij nu wel te pakken. Want het blijft wel degelijk sport (Wie vindt dat E-MTB races geen sport zijn, moet misschien maar eens motorcross proberen. Die motoren rijden uiteindelijk ook vanzelf, maar na twintig minuten over zo’n crossparcours jakkeren zal je pijp gegarandeerd uit zijn), al zorgt de elektrische trapondersteuning voor leuke extraatjes. Dat je anders te steile hellingen toch naar boven zoeft geeft je een kick van hier tot in Tokio en de beheersing van de fiets is van een compleet andere orde vergeleken bij een klassieke mountainbike. “We hebben geschiedenis geschreven”, lacht organisator Peter Deconinck na afloop van het evenement. Ik ben nog geen klein beetje blij dat ik er deel van uitmaakte!

Outfit check

Helm: Uvex Quattro  * Bril: Tifosi Alliant * Shirt: Specialized Endury Jersey * Broek: Specialized Demo Pro Shorts * Handschoenen: Grip Grab Vertical * Sokken: Grinta! by Ekoï * Schoenen: Specialized Recon

Alle Specialized Turbo Levo mountainbikes met elektrische trapondersteuning vind je hier.