Gilles fietst naar Compostella. Via Los Arcos en Ibeas de Juarros

Grinta!-freelancer Gilles Bultinck fietst deze zomer van Vosselaar naar Santiago de Compostella. Op www.grinta.be houdt de fietsende burgemeester een dagboek bij. Tijdens de achtste en negende dag van zijn tocht laat hij Frankrijk definitief achter zich en dringt hij dieper door in Spanje.

21/07/2019 - Tekst: Gilles Bultinck // Foto's: Gilles Bultinck

Rit 9 - Saint-Jean-Pied-De-Port - Los Arcos

Tegen half acht begeef ik mezelf naar het ontbijt. Later dan gepland, maar het was onrustig in de straten van Saint-Jean-Pied-De-Port. Blijkbaar zijn er heel wat pelgrims die hun tocht opdelen over verschillende jaren. Voor hen is dit een drukbezochte start- en aankomstplaats. En dan moet er blijkbaar af en toe wel iets gevierd worden. Ik beklaag mezelf mijn vertraging nog niet direct, want buiten hangt redelijk wat mist. Anderzijds rijd ik liever een bergpas op in deze omstandigheden dan in de blakende zon. Dus toch maar opnieuw de fiets op. Voor etappe 9 alweer. Omwille van het beperkte zicht, activeer ik mijn achterlicht. Een extraatje, want er is hier behoorlijk wat signalisatie die automobilisten erop attent maakt dat ze veel fietsers en wandelaars kunnen tegenkomen. Dit hier is de ‘Camino’. Dankzij die bedenking zit ik trouwens nog een halve dag met het liedje Johnny van de alom misprezen groep Katastroof in mijn hoofd: “Ik ben Johnny, dieje Camino is van mij ...”

Adios Francia, bienvenido a España

Om de paar honderd meter kruist het wandelpad van de pelgrims de verharde weg. Ongetwijfeld zien zij nog veel meer van de natuur, maar ik klaag niet in deze groene omgeving. Na een paar kilometer steek ik de grens met Spanje over. Helaas geen bord om me te verwelkomen in Spanje - altijd leuk voor de foto’s - maar wel een grenscontroles van de Guardia Civil. Als fietser mag ik doorrijden, maar alle wagens worden aan kant gezet. Omdat ik gisterenavond nog wat heb opgezocht over de Puerto de Ibaneta, of Roncevallespas, weet ik dat de beklimming eigenlijk pas na de grensovergang begint. Toch liep het hiervoor ook al aardig op. Gezapig tellen de kilometers op, en vlak voor de top passeer ik de eerste fietsers die ik tegenkom. Ik begroet een man in het Nederlands, want ik kan van de sponsors op zijn shirt afleiden dat het een Vlaming is. Wanneer ik op de top sta te genieten van het uitzicht, komt hij een praatje maken. Blijkt dat de man in kwestie afkomstig is van Oostende en dat hij samen met een vriend uit Antwerpen al sinds 15 juni onderweg is. Ze zijn niet in België vertrokken, maar wel in Göteborg. Ondertussen hebben ze al zo’n 4.000 kilometer bij elkaar gereden. Straffe mannen, petje af.

Stempelen

Na de Roncesvallespas volgen nog een drietal kleinere beklimmingen. Op de laatste berg staat een drankkraampje met daarrond heel wat wandelaars. Omdat het warm schijnt te worden vandaag, stop ik ook voor wat bevoorrading. Op de drankenkaart zie ik dat je hier ook een stempel kan krijgen voor in je pelgrimsboekje. Die kans laat ik niet voorbijgaan. Tot hiertoe bestaat mijn stempelboekje immers alleen maar uit stempels van hotels. In dalende lijn gaat het nadien richting Pamplona, waar mijn route me rond het centrum stuurt. In het begin over een rustige weg, nadien over een soort snelweg waar fietsers toegelaten zijn. In de andere richting zie ik regelmatig een wielertoerist rijden. Het maakt dat ik ook meer op mijn gemak ben. Na 80 kilometer - waarvan meer dan 20 kilometer geklommen - stop ik bij een tankstation. Ik voorzie mezelf van water, Aquarius en iets om te eten. Een hele baguette zou ik nooit op krijgen nu, dus dan maar twee donuts. Vanaf hier is het nog minder dan 60 kilometer, en het is nog maar net 12u30 gepasseerd. Zo, dat wordt op tijd binnen.

Vergissing

Zelden heb ik me meer vergist dan nu. Voorbij het dorpje Etxauri stuurt mijn navigatiesysteem me van de hoofdweg. Wat volgt is een zeven kilometer lange beklimming bij temperaturen van meer dan 40 graden. Met net voldoende energievoorraad om rustig binnen te bollen. Een pure marteling. Nooit eerder stopte ik onderweg zo vaak als nu. Toegegeven, het zijn allemaal mooie plaatsen om foto’s te maken. Maar ik zou liever doorfietsen. Helaas geeft mijn lichaam me de signalen dat dit niet verstandig is. Doseren en temporiseren is de boodschap. In het dal bereik ik uiteindelijk het stadje Estella, waar ik de halve (sport)drankvoorraad van een lokale supermarkt plunder. Bij het verlaten van Estalla gaat het opnieuw flink omhoog, maar dat kan ik na de bevoorrading van daarnet terug verteren.

Overlevingsmodus

Intussen krijg ik telefoon van de vriendelijke doch opdringerige dame van het pension waar ik mijn slaapplaats voor vanavond geboekt heb. Dat ze eigenlijk om 16 uur de receptie sluiten, en dat het al 16.15 uur is, kan ik opmaken uit het wisselend Engels en Spaans dat ze met luide stem door de telefoon katapulteert. Ik zeg haar dat ik binnen een uurtje arriveer en dat ik wat vertraging heb omwille van het warme weer. Om 17 uur dan? Ik heb geen zin om er nog energie in te steken en antwoord bevestigend, met het gedacht dat ze straks maar opnieuw moet gaan tateren als ik tegen kwart na vijf aankom. Een goede tien kilometer voor mijn eindbestemming krijg ik echter in de gaten dat 17 uur nog haalbaar is als ik een gemiddelde snelheid van 30 kilometer per uur kan aanhouden op de heuvelachtige weg richting Los Arcos. Om extra gezever met de waardin te vermijden, leg ik me maar plat. Kwestie van deze toch wel ellendige fietsdag zo snel mogelijk te kunnen afsluiten. Op goed geluk rijd ik in de smalle steegjes van Los Arcos recht tot aan het pension, waar ik mezelf om klokslag 17 uur aanmeld. Oef, ik heb het overleefd.

Rit 10 - Los Arcos - Ibeas de Juarros

Stevig gewaarschuwd door mijn ervaringen van gisteren, gaat om iets na zessen de wekker. Onmiddellijk begin ik alles in te pakken, hijs ik mezelf in mijn fietsplunje en laad ik mijn bagage op mijn fiets. Het ontbijt is vandaag niet in het pension zelf, maar wel op het marktpleintje in Los Arcos. Vanaf half zeven te verkrijgen. Tegen dat ik volledig vertrekkensklaar ben, is het net geen zeven uur. Ik verwacht een terras vol pelgrims, maar tref een verlaten setting aan. De enige levende ziel is de eigenares van het restaurant die het ontbijt serveert. Het is nog vroeg en ik heb weinig zin om na te denken, dus wijs ik in de koeltoog aan wat ik allemaal wens voor ontbijt. Een koffie, sinaasappelsap, een banaan en een aantal broodjes. Op den duur krijg ik een nogal zure blik toegeworpen, waarna ik maar stop met bestellen. Heerlijk zo ontbijten op het terras met de opkomende zon. Met mondjesmaat vertrekken er pelgrims aan hun wandeltocht en ook een verdwaalde fietser zet koers richting Compostella. Vervolgens komt er nog wat jeugd aan. Zij bestellen bier. Ik hoop voor hen dat ze van één of andere discotheek komen en niet recht uit bed. Mijn horloge geeft intussen 7.10 uur aan. Tijd om mijn gebruikte bord en bestek terug naar binnen te brengen en te vertrekken.

Minder druk

Terwijl de zon nog volop vanachter de heuvels in het oosten aan het komen is, steek ik al de eerste wandelaars voorbij. Zij lopen hier meestal op een parallelle grindweg. In geen tijd kom ik aan in Logrono, waar ik eerst de Ebro oversteek, nadien een fietspad volg door een pas aangelegd park en vervolgens op de gemengde fiets- en wandelcamino terechtkom. De onverharde paden zijn niet ideaal om te berijden met mijn koersfiets, maar ik heb redelijk veel vertrouwen in de Pirelli-banden die ik speciaal voor mijn trip monteerde. Bovendien zit er nu een stuk minder druk in mijn banden dan toen ik vertrok. Ik heb ze immers nog geen enkele keer bijgepompt. Zou ik toch eens moeten doen.

Van wijngaard naar wijngaard

In ieder geval bolt het nog aardig over de grindpaden. Ik rijd door het stof van de ene wijngaard naar de andere tot ik het gevoel krijg dat de kilometers te traag vooruit beginnen te gaan. Op mijn vraag herberekent mijn fietscomputer de route, waardoor ik op de N120-autoweg uitkom. Een mooi geasfalteerde weg die parallel loopt aan de A12-snelweg en bijgevolg nagenoeg niet gebruikt wordt door gemotoriseerd verkeer. Met een zachte rugwind is het geweldig fietsen op deze weg die voor het overige wel gestaag blijft oplopen. Nadat ik eerder vanochtend al in Navarette gestopt was om extra drinken en wat droge koeken te kopen, houd ik in Santo Domingo de la Calzada nogmaals halt. Niet omdat het echt nodig is, wel om de fijne sfeer op te snuiven. Ik nestel me op een terrasje met een koffie en aanschouw de vele pelgrims die hier door het stadje trekken. Ik kan het me permitteren want ik lig op schema om in de vroege namiddag binnen te zijn.

Wie bang is, krijgt er ook

De rit die ik gisteren nog vreesde, loopt van een leien dakje. Bijna te mooi om waar te zijn, en even is het dat ook. Langs de kant van de weg zie ik een bord dat autobestuurder moet waarschuwen voor het stijgingspercentage van 6% tijdens de komende drie kilometer. Een verrassing, want ik bedacht me net dat ik zowat op het hoogste punt in de streek zou moeten zitten. Omdat ik redelijk op reserve heb gereden vandaag en omdat ik nog steeds voldoende eten en drinken bij me heb, schrikt de klim me niet af. “Wie bang is, krijgt er ook,” zei een wijs man ooit.

Hoog(s)tepunt

Al snel vind ik een mooi tempo en geniet ik van het klimmen. Ondanks de zon die nu toch echt wel in mijn nek en op mijn rug begint te branden. Bovengekomen zie ik het bord van de Puerto de La Pedraja op een hoogte van 1.150 meter. Bijna honderd meter hoger dan de Roncevallespas gisteren en voorlopig dus het hoogste punt van mijn tocht. Misschien moet ik vanaf morgen toch het roadbook eens wat beter bestuderen zodat ik weet waar ik aan toe ben.

Het lijkt net vakantie

Rond 14 uur bereik ik mijn hostel. Net op tijd om de hitte te ontvluchten en ruim op tijd om uitgebreid mijn kleding te wassen en voldoende te rusten. Het begint meer en meer op vakantie te lijken. En terwijl ik dat denk, besluipt me een angstig gevoel. Nog slechts vijf dagen en er komt een einde aan dit avontuur. Morgen eens proberen om wat trager te rijden, in de hoop dat het allemaal wat langer blijft duren.

Met dank aan Van Nicholas, Craft, 7Mesh, PedalED, GripGrab, WoWoW – Raceviz, Abus, Sigma Sport, Knog, Topeak, Naqi, Lezyne, Selle San Marco, Look, Pirelli, Northwave, Futurum en Soenens Fietsvervoer. Na de bedevaart mag je op deze site van alle producten die Gilles onderweg testte 100% Getest verslagen verwachten.