Gravelend rondom Brussel in het groen

Spoiler alert. We hebben op onze laatste gravelrit het pad van Koning Filip gekruist. Een hallucinante ontmoeting. Die kwam dan nog eens bovenop een parcours dat ons volledig van onze sokken blies. De Yuzzu Gravel 19 bracht ons van Tervuren in een lus van 120 kilometer helemaal rond de hoofdstad. Nooit geweten dat de rand van Brussel zo groen en rustig kon zijn.

13/07/2021 - Tekst: Joyce Verdonck // Foto's: Joyce Verdonck, Yuzzu Gravel series

Tervuren-city. Bij de start is het verrassend droog en zonnig. Nochtans is de hele dag regen en gedonder voorspeld. Startnummer en bevoorrading oppikken, even vloeken op het verplichte mondmasker dat de zonnebril onmiddellijk doet aandampen en weg zijn we. Bijna onmiddellijk duiken we het bos in. “Is dit al het Zoniënwoud?”, vraagt iemand in ons groepje. We zijn van het verre Meetjesland, onbekend met de streek en niemand heeft het parcours vooraf bestudeerd. Reuzen van bomen kijken neer op de zwoegende lijven. Jip, dit is het Zoniënwoud. Hectaren en hectaren bos in een glooiend patroon. Het is geen meter vlak. Op het eerste gezicht lijk je op kracht boven te zullen geraken, maar vaak is het toch bijschakelen geblazen. De ene korte helling volgt de andere op. Op één technisch stuk na, rij je vooral kilometerslang over brede, goed aangelegde grindpaden. Een fijne passage door het bos.

Gravel of MTB?

We fietsen met de klok mee en rijden westwaarts. Zodra Linkebeek en Sint-Pieters-Leeuw in zicht komen, maakt het bos plaats voor open vlaktes. Ook hier weer een aaneenschakeling van fijne offroad baantjes langs kouters, velden en boerenwegels. Het gaat constant op en af. Ik merk nog altijd veel mountainbikes onder de deelnemers. Op zich niks verkeerd mee natuurlijk. Toch is het parcours perfect te doen met een gravelbike. Dat was in de eerste tocht van de Yuzzu Gravel Series in Houffalize net iets anders. Die reed ik ook met de gravelbike, maar op sommige technischere stukken of steile afdalingen wenste ik soms dat ik een mountainbike onder mijn kont had. Hier niet. In de lagergelegen gebieden is ‘t soms wat schuiven in de modder, maar omdat ik voldoende profiel op mijn banden heb, raak ik overal door zonder voet aan de grond te zetten.

Vlaggen en vogels

Regelmatig moeten we een drukke steenweg over. Elke keer is het een bruuske cultuurshock om uit de stille natuur opnieuw in het verkeersgewoel terecht te komen. Precies of je bent elke keer vergeten hoe dicht je bij een van de drukste wegennetten van het land aan het fietsen bent. Af en toe moeten we ook een woonwijk door, vaak met vlaggen aan de voorgevels, Vlaamse Leeuwen en Belgische driekleuren dagen elkaar uit. Iets doet vermoeden dat de vlaggen er niet alleen tijdens het EK voetbal hangen. Gelukkig zijn de passages in de bewoonde wereld van korte duur en duik je snel weer de rust en de natuur in. In enkele seconden tijd wordt het zo goed als opnieuw muisstil op wat gekwetter van vogels na. Alsof iemand de stekker van de geluidsinstallatie heeft uitgetrokken.

Overleg

Na de eerste bevoorrading is er de splitsing. Overleg. Gaan we zoals gepland voor de langste afstand? Ook al voorspellen ze bakken regen na de middag? We amuseren ons te hard om de trip in te korten en slaan af naar de 120 kilometer. Gravel 19 staat voor de 19 Brusselse randgemeentes die op de route liggen. Alleen de tocht van 120 kilometer brengt je helemaal rond Brussel. De korte afstanden blijven ten zuiden van de hoofdstad. Op de kouters krijgen we af en toe de skyline van Brussel te zien. Intussen schuift gemeente na gemeente onder de wielen door.

In alle kalmte

Ik moet denken aan lang vervlogen tijden toen ik nog deelnam aan de klassieke De Gordel. Ik vond er niks aan. Veel te druk om je met een koersfiets tussen de traag fietsende massa te begeven. En dat een sportevent politiek geclaimd werd, vond ik ook maar niks. Lang bleef ik weg van de Brusselse rand. Vandaag zie ik in wat ik daardoor laten liggen heb. Deze streek heeft fietsers zoveel te bieden. Bovendien is er op de rit nergens sprake van een overrompeling. Wat me meteen opvalt, is dat de sfeer op een gravelevent tussen de fietsers onderling heel gemoedelijk is. Door het beperkt aantal deelnemers, herken je al snel gezichten die je eerder tegenkwam. Er ontstaan fijne gesprekken onderweg. Als ik op een singletrack al eens rapper volk achter me aan krijg, is er niemand die me van de sokken rijdt. Elke keer klinkt het: “Doe maar op ‘t gemak, we hebben alle tijd.” En ga ik uit de weg, krijg ik een vriendelijke bedanking. Zalig. Wat een verademing met het haantjesgedrag op sommige toertochten of cyclo’s.

Zwetende koning

En dan plots na de tweede bevoorrading, in de buurt van Meise, volgt de ontmoeting van de dag. Een groepje van vier jogt onze richting uit. Op kop: Koning Filip. Gevolgd door een paar meejoggende bodyguards. De rij wordt afgesloten door twee gepantserde auto’s. Er is ongeloof bij de fietsers die in onze buurt rijden. “Was hij dat nu echt?” Ja dus. We fantaseren over hoe absurd zo’n looptochtje moet verlopen. Overleg met de secretaris van ‘t paleis of er wel tijd is om te gaan lopen. Overleg met de bodyguards: hebben die altijd hun sportkledij en -schoenen bij? En hoe verloopt een sollicitatiegesprek bij een nieuwe bodyguard? “De koning jogt aan 10,5 per uur, haal jij dat tempo vlot?” Afin. Respect dat hij ‘t doet. Als ik ga lopen, doe ik dat meestal alleen om mijn hoofd te legen. Dat zit er voor hem nooit in. Toch zag hij er ontspannen uit. Zou hij onder een schuilnaam op Strava zitten? Een Filip van België vind ik alvast niet op Strava terug. Zal niet mogen van Staatsveiligheid.

Sightseeing

Kort na de ontmoeting zetten we een lange afdaling in met een overweldigend zicht op de noordkant van Brussel met het Atomium en de VRT-toren. We merken rechts donkere wolken op die zich samenpakken. Gelukkig draaien we linksaf. Voorbij Grimbergen wordt het vlakker. Mocht de wind niet stilaan in het nadeel blazen, zou dit een mooi recuperatiestuk zijn tot voorbij Steenokkerzeel. Dit stuk is zo compleet anders dan het Pajottenland maar ook weer genieten. Of je nu onverhard fietst op een singletrack langs de Zenne of op een breed grindpad met zicht op de vliegtuigen en de controletoren van Zaventem, het landschap verveelt nooit. Pluim op de hoed van parcoursbouwer Kristof Gerits van Golazo. Die heeft er een memorabele ervaring van gemaakt. Eén minpuntje waar de organisatie niks aan kan doen: verdwenen pijlen. Op sommige kruispunten zien we achtergebleven tyraps als stille getuigen van vandalenstreken. Het doet nu helemaal denken aan De Gordel, waar ze ook elk jaar met saboteurs te maken kregen. Gelukkig blijft het bij ons bij wegnomen pijlen en komen we nergens uitgestrooide nagels en duimspijkers tegen. Bovendien kregen we vooraf de gpxen van de organisatie, zodat we nooit verloren rijden.

Pittig einde

Op de derde bevoorrading bekijken we toch even de weerapp. In het westen en het noorden, de streken waar we vanmorgen fietsten, regent het al ferm. Met wat meer spoed duiken we de afsluitende heuvelzone in. Rond Everberg en Leefdaal volgen de hellingen elkaar in snel tempo op. Wijngaarden, bossen en aardappelvelden kleuren het decor. Het is bij momenten nog behoorlijk pittig. In totaal kom ik uit op iets meer dan duizend hoogtemeters. Het begint lichtjes te druppelen. We spotten een bord: “nog 10 kilometer”. Net als het wat harder begint te regenen, rijden we het Park van Tervuren binnen. Half beschut onder de bomen van de lange dreven rijden we een rondje rond de parkvijvers. Ten slotte wacht ons nog een afsluitende, korte passage door het bos eer we de finishboog bereiken. De hemelsluizen gaan nu helemaal open. Een gezellige après in het eventdorp zit er niet in. We nemen de goodiebag gehaast in ontvangst en reppen ons naar de auto. Toch nog een kletsnat einde. Maar wat een dag! Vergeet paling in het groen. Mijn favoriete gravelgerecht is momenteel Brussel in het groen.