Mallorca: een eiland op twee wielen

Rustig cruisend langs Zuiderse wegen met appelsienenbomen, word ik voorbijgereden door wielertoeristen die allen dezelfde huurfiets besturen. Naast me fietst mijn elektrisch ondersteunde wederhelft. Samen verkennen we Mallorca, in een formule van Clips Mallorca Cycling. Drie dagen Tramuntana gebergte, een lege batterij en een overvol marktplein slaan ons met verstomming.

13/10/2019 - Tekst: Steven Verniers // Foto's: Steven Verniers

Proloog met buffetten en castagnetten

Op de dag van aankomst is de prestigieuze gran fondo Mallorca 312 aan de gang. Veel merken we daar echter niet van in het zuidelijk gelegen Can Pastilla, vlakbij de hoofdstad Palma. We doen het met beachvolley, rijkelijk buffetten en castagnetten als avondanimatie. Op de vooravond van onze driedaagse trektocht met bagagetransport, gaan we al even de fietsen verkennen. "Merckx, Mourenx, 7’56” d’avance", lees ik op mijn gehuurde racefiets. “En wat willen jullie gaan doen?”, vraagt Luc van Clips Mallorca Cycling me. “Oh, ik wil graag alle trekpleisters gezien hebben: Formentor, Soller, Sa Calobra.” “Ooh,” hoor ik Luc vertwijfelen. “Ooh!” hoor ik mijn wederhelft die twijfel versterken. De capaciteit van de batterij staat plots centraal. “In dat geval zou ik toch maar een extra batterij meenemen voor die e-bike,” adviseert Luc.

Dag 1: Het marktplein en de vuurtoren (Can Pastilla – Port de Pollença)

Ons vertrek vanuit de streek van de hoofdstad Palma is er één langs roestige molens en bouwvallige huizen. Het is een vlakke Zuiderse route met zwerfvuil in de bermen en even verder sinaasappelbomen langs de kant van de weg. We zijn duidelijk niet de enigen die vandaag vanuit Can Pastilla een tochtje gepland hebben. We kozen voor een driedaagse en doen het Oosten van het eiland (de kant met de bekende grotten van Porto Christo) dus niet aan. We zetten daarentegen meteen koers naar het Tramuntana gebergte. Per dag zijn er ongeveer drie opties, maar ik achtte het nodig om nog een eigen optie te maken: eentje die ons onderweg ook over de Col d’Honor en d’Orient brengt. Langzaam wordt de weg rustiger en brandt de zon harder. Op het punt dat de bewoonde wereld achter ons ligt en de weg begint te klimmen, smeren we bij. Zonnecrème is hier een noodzaak. Tijdens onze korte pauze schuiven de wielrenners als een oneindige stroom voorbij. Terwijl de weg verderop haarspelden onthult geraken we aan de praat met een Vlaams koppel. Samen slingeren we ons naar de top van de Col d'Honor. Een top die uitblinkt in lelijkheid. Een bordje, dat nog wel, maar verder valt er naast een vuilnisbelt weinig te beleven.

Eén vreemde eend

Snel door naar Orient dan maar (wel een mooie top, maar de beklimming stelt verder weinig voor) en afdalen naar Alaró. Wat we daar zien doet ons, in tegenstelling tot de cols van daarnet, grote ogen trekken. In het binnenland van Mallorca ligt een rustig en afgelegen dorpje. Met een mooi marktplein aan de kerk, omringd door bomen die een gebreid jasje kregen. Met terrasjes in overvloed. En fietsen. Mensenlief, veel fietsen. Daar drinken we koffie in een bijzonder decor. Rijen dik aan koersfietsen in dezelfde kleuren. En één e-bike.

Naar het klooster

Na de middag passeren we eerst Cycling Planet, het fietscafé van wereldkampioen baanwielrennen David Muntaner. Zijn wat kleine terrasje aan de drukkere weg kan niet tippen aan het sfeervolle marktplein even verderop. We zetten onze tocht noordwaarts verder. Die gaat straks over de Col de sa Batalla, op aangeven van Luc. Deze rustige groene col brengt ons tot vlakbij het klooster van Lluc en de Col de Femenia en is volgens hem het mooiste alternatief richting Noorden. Zeker een toegevoegde waarde, deze optie. Van op de top volgt bovendien een lange zeer mooie afdaling naar Pollença. En zoals dat wel vaker gaat in Mallorca, ligt Port de Pollença even verderop aan zee. Een gezellig havenstadje met promenade, winkels en hotels. Daar zullen we overnachten en morgen onze toch verder zetten. Er is echter nog een probleem.

Probleempje?

Dat probleem luistert naar de naam Cap de Formentor. Dit unieke stukje weg naar het meest noordelijke punt van het eiland ligt voor het grijpen. Een soort schiereiland dat steeds smaller wordt en eindigt met een idyllische vuurtoren op het uiterste punt. Bucketlist materiaal, bekend onder fietsers en vast onderdeel van de toproutes die je gereden moet hebben. De teller staat echter op honderd, het is flink afgekoeld en de batterij is leeg. We nemen de reservebatterij uit de tas en doen dit extraatje van veertig kilometer erbij.

Meer buffetten

Ondanks het feit dat het intussen flink is afgekoeld, is deze extra lus toch het hoogtepunt van de dag. Twee keer gaat de weg enkele kilometers omhoog, maar de uitzichten zijn uitzonderlijk. Een mooi slot voor een lange fietsdag. De bagage staat netjes klaar aan de receptie. We sluiten moe maar voldaan af met palmbomen, een warme douche, rijkelijke buffetten en muzikale avondanimatie.

Dag 2 : Bananenschillen en een cheater (Port de Pollença – Port de Soller)

De tweede fietsdag begint identiek als de vorige ochtend met een ontbijtbuffet. Hij lijkt ook op de vorige avond want we starten met dezelfde lange weg vanuit Pollença. De Coll de Femenia is echter ook al klimmend een fijne beleving. Gezapig, nooit echt steil en met mooie uitzichten op het binnenland van Mallorca. Voor de tweede keer staan we hierboven en deze keer moesten we er ook voor klimmen. De drukte op de top typeert Mallorca ten voeten uit.

In de file op de Coll de Femenia?

Point of no return

We merken nu ook dat er een lijntje vol bananenschillen is. Herinneringen aan de vele passanten hangen te drogen op deze col. We geraken aan de praat met twee Duitsers die Mallorca 312 hebben gereden. Ze huurden nu een scooter om de route nogmaals te rijden, zonder pijn. ‘’Toughest day ever on a bike, man,’’ zeiden ze daarover. We slaan rechtsaf richting Col de Reis, dé trekpleister van het eiland en beter bekend als Sa Calobra. Calobra is het gehucht dat zich beneden aan zee heeft genesteld en enkel te bereiken is via deze weg. Sa Calobra is misschien wel dé reden voor velen om Mallorca te verkennen. Een bijzondere weg met een spectaculaire prelude: een bocht van 270°. Het zicht op het kronkelende bouwwerk van bovenuit is heerlijk voor liefhebbers van bergpassen. Het concept is eveneens uitzonderlijk. Iedereen die Sa Calobra wil beklimmen moet eerst bergaf. Elke meter die je bolt is een 'point of no return', je moet er sowieso terug op. Er zijn ook nadelen aan. De zee komt pas helemaal op het eind tevoorschijn, ik zit een paar keer vast achter te grote bussen vol niet fietsende medemensen en beneden rest enkel een overdruk en niet erg gezellig self-service restaurant.

Een tandje bij

Na de obligatoire koffie besluit ik een tandje bij te steken op de weg bergop. Ik rij van doelwit naar doelwit. Het uitzonderlijke karakter van de klim zit hem in het concept en de 270 graden bocht helemaal op het einde. Vrouwlief moet ondertussen alle zeilen bijzetten op turbo om in de buurt te blijven. ‘’Cheater,’’ krijgt ze naar het hoofd geslingerd. ‘’But I can’t blame you’’. Venijnige lachjes er gratis bovenop. Het concept van onze fietscombinatie is nochtans voor de hand liggend, maar wordt niet door iedereen gesmaakt. Boven moeten we wel even… de batterij wisselen. Luc had gelijk. Nog even klimmen richting de Puig Major, de hoogste top van Mallorca zonder echte top, was zonder nieuwe batterij niet zo prettig geweest. De ‘Tunel de Monnaber’ blijkt de top te zijn. Toch een klein beetje een anticlimax voor de hoogste fietsbare col van Mallorca. De afdaling van daaruit naar Soller is echter wondermooi. Port de Soller is idyllisch, met haventje, treintje en een mooie baai waarin gezellige terrassen zich oogstrelend nestelen. Een ding weerhoudt ons nog van deze oase van rust: de Col de Soller. Een klimmetje in het hinterland met vijf kilometer haarspeldbochten op een uiterst rustig baantje. Smullen is het. Een nieuw hoogtepunt vooraleer we het havendorpje in duiken voor een romantische avond. Dat had trouwens evengoed gekund zonder die Col de Soller…

Dag 3 : De zee en een te smal fietspad (Port de Soller – Can Pastilla)

Op de derde en laatste fietsdag schiep Clips Mallorca Cycling geen rustdag maar… de terugtocht naar de startplek. Niet uitblinkend in originaliteit, maar wel handig. Op het programma geen hogere cols meer. Wel vele kleintjes en een route langs de kust. Onbekende namen van cols als de sa Bastida, des Pi, es Grau, de sa Gramola en de sa Crue volgen elkaar in snel tempo op. Telkens een paar kilometer klimmen, nooit echt lang. We passeren het uiterst rustieke Deia, drinken koffie met een uitzonderlijk zeezicht en rijden langs de kustlijn met heerlijke zeezichten. De afdaling naar Andratx is geweldig. Die van de Col de sa Crue is dan weer bijzonder verrassend omdat ze van een erg rustige route overgaat in de city jungle van Palma. Voor je het weet zit je midden in de hectiek en op een te smalle fietsstrook langs de kustlijn. Mooi, zeer zeker, maar niet erg handig als je meer dan twintig per uur wil rijden. Zelfs zonder trekpleisters is de derde dag wellicht de mooiste van de drie. Mallorca toonde zicht als een fietseiland bij uitstek, met schapen en glad asfalt. De hellingen zijn er mild, net als het klimaat in het voorjaar. Bovendien kan je er degelijke fietsen huren en is er zelfs via een app voor 24/7 medische assistentie voor fietsers . In het vliegtuig terug slaat het me echter nog even aan het hart. Het allerhoogste punt van het eiland blijkt een afslag te zijn vlak voor de top van de Puig Major. Hebben we deze echt laten liggen?! Gelukkig betreft het een afgesloten weg op militair domein. Daarvoor moeten we dus al niet terug, maar er zijn genoeg andere redenen om wel terug te keren. Om gewoon lekker te fietsen, bijvoorbeeld. Of toch maar eens die Mallorca 312?

Met dank aan Futurum Quality Gear, partner van deze blog.