Slagbomenslag Rondom Zeeland

Vorig jaar fietsten we tijdens de Grinta! Rondom Zeeland ride ten noorden van de Westerschelde met de Zeeuwse Leeuw Johnny Hoogerland. De hemelsluizen gingen wagenwijd open en het regende lekke banden. Yerseke bleef in de 2018 editie van Rondom Zeeland bewaard als vertrekpunt, net als de Zeeuwse bolus als ontbijt en de mosselen als recuperatiemaaltijd. De route, weersomstandigheden en Bekende Renner zagen er echter helemaal anders uit. En we ontdekten een natuurlijke vijand van het #ridetogether concept: slagbomen.

02/10/2018 - Tekst: Steven Verniers // Foto's: Michaël Salens

"Dat er tussen Antwerpen en Yerseke ernstige verkeershinder mogelijk is.", had de Grinta!-redactie alle deelnemers de vrijdag voordien nog gemeld. Ik dus met mijn niet zo frisse kop richting Terneuzen om van daaruit naar Yerseke te rijden. Met de zon die zich vakkundig tussen de achteruitkijkspiegel en het zonneklepje wrikt. Met een gele vrachtwagen en 'Jumbo' in koeien van letters die me veel te hard voorbij dendert. Florence van de machine schreeuwt iets van "Hunger" door mijn luidsprekers terwijl de kreken nog dampen. Ik schrik wakker uit mijn tot dan toe dromerige ochtendrit temidden een oase van gele borden. "Dank voor uw begrip.", lees ik in een flits. “Wat moet ik dan begrijpen?!” flits ik terug. Rood-witte borden bestormen me, ze zijn met veel, en dwingen me de afrit te nemen. U begrijpt: iets later dan gepland grijp ik naar mijn koffie en bolus in de Viskêête. Ik groet er een pak bekende gezichten. De Grinta! community heeft inmiddels een schare vaste leden verworven. Het peloton is twee keer zo groot als vorig jaar: zeventig mannen en vrouwen sterk. Ik graai nog twee repen van Duursport.nl mee en stop ze in de achterzak voor onderweg. "Hunger" heb ik wel. Vooral in de fiets op dit moment.

De groep is groot, maar de gids ervaren. Grinta!-medewerker Luc Verdoodt toonde zich tussen Ooster- en Westerschelde een betrouwbare loods.

Het Vlaandertje

In het eerste deel van de 150 kilometer fietsen we over brede fietspaden en dijken, asfalt en Hollandse klinkers richting Westen. Wind in de rug richting Noordzee. Ik nestel me in de buik van het Grinta! peloton en maak onder de zilte zeegeur kennis met de mensen die toevallig naast me belanden. Ik ouwehoer lustig mee (we zijn in Nederland) over een ultra compact opzetstuurtje van een Nederlandse man die een tweedaagse van ons evenement heeft gemaakt. Hij komt uit de streek van Deventer en blijft een nachtje op de camping slapen (we zijn in Nederland) om zo ten volle te kunnen genieten van deze Grinta! Ride. Ik praat met een man van dichter bij huis, uit Wielsbeke, die vorige week ook afzakte naar Oudenaarde om fietsen te testen tijdens Grinta! Test Fest. Acht stuks heeft hij er bestegen (fietsen wel degelijk) en hij was het meeste onder de indruk van de Bianchi Oltre. “Het nadeel van Test Fest is wel dat je budget er enkel de hoogte mee ingaat.”, lacht de man. “Van dat elektronisch schakelen bijvoorbeeld raakte ik danig onder de indruk. Wel lachen geblazen want we hebben ons beiden suf gezocht hoe je met een SRAM Red eTap vooraan schakelt. Om je die gêne in de toekomst te besparen: links en rechts tegelijk drukken is de oplossing voor dit probleem.” Tijdens de eerste stop gaan de windvestjes en beenstukken in de auto en worden de bidons bijgevuld. Madame Soleil is present en het is warmer dan de weerman beloofde. Ik hou mijn beenstukken aan, net zoals de profs. “In welk dorpje zijn we beland, Brian?”, acht ik het moment rijp om even met deze Roompot-profrenner te praten. “In Lewedorp.”, antwoordt Van Goethem. “Van waar we hier staan kan je alles zien wat in dit dorp te zien is.” We bevinden ons op een klein pleintje naast een kerk en café ‘t Kraaiehoekje. Lewedorp ligt naast andere gehuchten als godbetert Graszode en Rijkebuurt. Ik verzin dit echt niet. Je vindt er ook nog Oudedorp, Nieuwdorp en Het Vlaandertje. De ogen van Brian glinsteren als hij vertelt over zijn overgang naar Lotto-Soudal volgend jaar. “Dit jaar race ik nog tot de Sluitingsprijs in Putte-Kappellen en nadien zal ik samen met mijn nieuwe ploeg kijken naar het programma voor volgend jaar. Sowieso trainen wij als profs vaak individueel, enkel in december en januari zijn er stages gepland. Je moet goed beseffen wat je wel en niet kunt. Ik ben dan ook erg blij dat ze meteen voor twee jaar vertrouwen geven. Ik ben een temporijder. Winnen doe ik niet vaak, maar het werk van iemand als Iljo Keisse of Tim Declercq wordt ook erg gewaardeerd.”. Niet bang van een cliché meer of minder, pols ik ook even naar zijn gevoel bij de nieuwe Merckx. “Afwachten.”, zegt Brian. “Volgens mij is de kritieke factor bij de profs het wattage dat je vijf minuten kan trappen. Dat bepaalt vaak of je op de beslissende momenten mee bent of de boot mist. Op dit moment moeilijk te zeggen of Evenepoel dat in zich heeft.”. Brian past straks voor de frietjes en rijdt gewoon met de fiets verder naar Vlissingen.

De Zeeuwse wielerprofs zijn trots op hun afkomst en laten geen kans onbenut om Zeeland te promoten. Brian Van Goethem is simpelweg een toffe knul.

Verbale Mexican wave

Na de stop besluit ik me wat meer achterin de groep te gaan rijden. Een tactische blunder, zo zal al snel blijken. Natuurlijk ken ik het accordeon-fenomeen wel, maar ik word hier niet meteen geholpen door een onverwacht element in de route. Een kunstmatige vijand duikt immers op: slagbomen. Elke keer als we op en af een dijk willen moeten we die dingen voorbij langs een smalle doorgang. En laat die dijken nu net het concept van de rit zijn. Als er weer een slagboom opduikt hoor ik de quote van de dag opnieuw weergalmen: “Steek de cartouche maar al klaar!”. Terecht, want terwijl we één voor één stapvoets de slagboom voorbijrijden, ontstaan er gaten die nadien dichtgeknald moeten worden. Om vervolgens te constateren dat er ook op een bijna windstille dag toch wind staat in de polders. Uithijgend en tussen de kader hangend, constateer ik nadien keer op keer dat het tempo bruusk gehalveerd wordt. Het wordt zo een echte slagbomenslag, daar in Zeeland. Lekker weertje, minder lekke banden maar... slagbomen. Achteraan is het trouwens zenuwachtiger fietsen, ik ben een paar laagjes rubber van mijn Rubino Pro bandjes kwijt op de Zeelandse dijken. En de Hollandse automobilisten die ons amper afremmend kruisen op de smalle en autoluwe wegen werken ook al niet mee. In een fietsland als Nederland zou ik iets meer empatisch vermogen verwachten. Brian is meteen vrij duidelijk dat we daarmee de lat te hoog leggen. “Jullie zijn hier in Holland, hé jongens.”. Meermaals galmt er, als een soort verbale Mexican wave, een wowow-waarschuwing door de groep. Een tevreden sponsor moet dat zijn.

Fopspenen als amuletten of niet: lek rijden hoort er jammer genoeg bij. Maar als de nood het hoogst is, is BikeKing met een FFWD-wiel nabij.

Uitleggen en tekeningen maken

Dat is ook zo in Rilland tijdens de tweede stop. BiciMondo is de importeur van De Rosa fietsen en verdeler van Campagnolo en Deda Elementi. Ze voorzien ons van repen, koffie of frisdrank terwijl we ons aan de De Rosa fietsen kunnnen vergapen. Van oude exemplaren om de Retro Ronde te fietsen tot de nieuwe blitse modellen met de lastig uit te spreken naam van de beroemde ontwerper Pininfarina. Veel koolhydraten heb ik niet meer nodig om de finish te halen want er resten nog slechts een twintigtal kilometers naar Yerseke, waar de mosselgeur je van ver tegemoet komt. Het kan goed zijn dat er vooraan nog een spurtje is getrokken, maar mijn cartouchen waren tegen dan al lang opgebruikt. Ik heb nog wel “hunger”, al situeert die zich inmiddels ter hoogte van mijn maag. Afsluiten doen we dus in stijl met Zeeuwse mosselen in de Viskêête, in een sausje van fietsverhalen. Op tijd stoppen met eten, weet ik nog van vorig jaar, of je hebt er spijt van. “De laatste vijf mag je nooit opeten.”, onthou ik. Ik deel tafel én mosselpot met de bakermat van Grinta! Magazine, de mama van Heer Uitgever. Een fiere moeder vertelt over “haar wereldkampioen” die als kind een fietsje won na een tekenwedstrijd. “Ligt de oorsprong van Grinta! in een kindertekening?!”, probeer ik. Ondertussen vertelt Luc over die andere wereldkampioen, Sven Nys, die als een bezetene wou trainen als zijn coach wou dat hij rustte. En hoe Paul Van den Bosch dan gedetailleerde trainingen opstelde die niks inhielden. Nys dacht te trainen terwijl hij aan het rusten was, placebo trainingen als sleutel tot succes. Het gaat ook over hoe Grinta! alle premies wegkaapte op Ostende Koerst, inclusief hun eigen abonnementen die dan maar naar de tombola verschoven werden. Of over het verhaal van de witte konijnen in de binnenkant van de bocht die echt bleken te zijn, tijdens de cursus daaltechniek in de Dolomieten. Of was dat laatste na het pintje teveel?! “Allé, manneke, eet gij die laatste nog op, ik ben gestopt.”, vraagt mijn overbuur in iets wat wellicht als Zottegems klinkt. “Nee, dank je, die laatste vijf kan ik echt niet opeten, het zijn net die waar ik straks in de auto spijt ga van hebben”, en ik leg de wapens neer. Waarna de pot verschuift naar een andere tafel en ik afsluit met een Coppi Koffie. Rondom Zeeland was minder heroisch dan vorig jaar. Op het einde van de dag keer ik evenwel met hetzelfde voldaan gevoel huiswaarts na alweer een zalige fietsdag.

Bevoorraad worden met spijs en drank en ondertussen kwijlend naar mooie fietsen kijken. Bici Mondo zorgde voor een fijne tussenstop.

Ook deelnemen aan een Grinta! rit? De volgende is de Coppi Koffie ride, op zaterdag 21 oktober vanuit Eke. Alle info over die rit vind je hier.