Zwiften met Merckx. (En een gebroken kaak.)

“Dat ik in 1975 de Tour heb uitgereden met een kaakbreuk was de grootste fout uit mijn carrière. Ik ben toen over mijn limiet gegaan en heb daarvoor de tol moeten betalen.” Plots schiet deze quote van Eddy Merckx me te binnen, de schrik slaat me om het hart.

13/02/2019 - Tekst: Luc Verdoodt // Foto's: Luc Verdoodt

Ritwinnaar Lucien Van Impe werd niet bepaald omstuwd door journalisten op 11 juli 1975. Alle aandacht ging namelijk naar Nello Breton en zijn slachtoffer Eddy Merckx. De Franse toeschouwer had het nodig gevonden om even voordien, op de flanken van de vulkanische Puy de Dôme, zijn fifteen minutes of fame op te eisen door de Kannibaal een vuistslag in de lever te geven. De grimas van Merckx werd legendarisch. Vastbesloten energie te putten uit de vijandigheid van het chauvinistische publiek begon Le Roi Eddy tijdens de volgende rit al vroeg aan een drieste raid. Onderweg naar Pra Loup zou hij de puntjes even op de i zetten door iedereen in de vernieling te rijden. Ware het niet dat de naweeën van de kwalijke stomp er anders over beslisten. Op minder dan zes kilometer voor de finish kende Merckx de grootste inzinking uit zijn loopbaan. Parcheggio. Een voorsprong van meer dan een minuut veranderde in geen tijd in een achterstand van ruim twee minuten. De leiderstrui stevig om de schouders van Bernard Thévenet.

Wist Eddy veel dat hij nooit nog geel zou dragen. Hij broedde immers op een nieuw strijdplan. Enkele dagen later moest het gebeuren, in Valloire. De ploegmaats waren gewaarschuwd. Ole Ritter niet. Onderweg naar de start maakte de Deen een ongelukkige beweging waardoor zijn stuur in dat van Merckx bleef haken. Beiden gingen tegen de grond. Een banale val, weliswaar met grote gevolgen voor de Brusselaar: kaakbreuk. Om niet de indruk te wekken verslagen te zijn, vertikte Merckx het om de handdoek in de ring te gooien. Maar elke oneffenheid in het wegdek voelde als de toorn Gods, het vloeibare voedsel dat hij te zwelgen kreeg, bevatte onvoldoende brandstof. Doorrijden was dom, maar omdat ook een tweede plaats de teamgenoten een aardige duit opleverde, hield hij vol tot Parijs. “Ik ben toen zo diep in mijn reserves gegaan, dat ik er nooit meer van gerecupereerd ben,” lees ik in een biografie. Geen col was te zwaar. De verenigde tegenstand bracht hem nooit echt aan het wankelen. Zelfs de aanslag van Breton kreeg Merckx niet finaal op de knieën. Eén klungelige val daarentegen, luidde naar eigen zeggen de neergang in van de allergrootste.

Vulcano Climb vs Puy de Dôme

Het briesje wordt me toegeblazen door een ventilator. De beklimming op het eiland Watopia heet dan wel Vulcano Climb, elke verdere gelijkenis met de Puy de Dôme ontbreekt. Mijn man cave ligt ver van de Auvergne. Ik kruip af en toe in het wiel bij een avatar die ik met een virtueel handgebaar begroet. Niemand ziet mijn ongeschoren benen.

Geduld vs talent

Een ongecontroleerde beweging met een gebroken kaak als resultaat, zoveel heeft mijn sportieve carrière dus gemeen met die van Merckx. Niet van plan dezelfde fout te maken, doe ik het wel rustig aan zolang mijn dieet bestaat uit sapjes en papjes. Buiten fietsen met anderen is voor later, ik maal de kilometers weg op een zoemende smarttrainer en beeld me in dat het net echt fietsen is. Dit is revalideren naar een onzeker doel. En al knallen de luidste gitaarklanken uit de speakers – sorry, buren - de gedachte dat ik misschien in een onomkeerbare neerwaartse spiraal ben beland, onttrekt alle schwung uit de pedaalslag. Moe, fris gewassen, maar onvoldaan slof ik naar de sofa. Het boek ligt er nog. Achterin vind ik erelijsten. Amper vijf weken na zijn noodlottige tuimeling klopte Merckx André Dierickx en Roger De Vlaeminck in de Druivenkoers van Overijse. Via onder meer winst in de Zesdaagsen van Grenoble, Rotterdam en Antwerpen legde hij vervolgens de basis voor zijn zevende zege in Milaan - San Remo. Er blijkt toch nog hoop na een kaakbreuk? Doemgedachten maken plaats voor geruststelling. Uiteraard had Merckx meer talent, maar ik heb meer geduld.

Met dank aan Futurum Quality Gear, partner van deze blog.