In het wiel van Speedy Wally

Op 26 mei is er een nieuwkomer op de kalender met Spaanse granfondo’s: de International Granfondo Costa Almeria, geïnitieerd door het Belgische Kortweg Cycling Travel. Het vertrek en de aankomst zijn in Mojacar. Wij verkenden het parcours in het wiel van Lotto-Soudal-prof Jelle Wallays.

13/12/2017 - Tekst: Frederik Backelandt // Foto's: Kortweg Cycling Travel

Jelle Wallays is niet van de minste. De 28-jarige doorgewinterde wielerprof uit het West-Vlaamse Staden heeft zijn contract bij Lotto-Soudal met drie jaar verlengd. Tja, dan weet je het wel. Hij heeft inhoud en een stevige reputatie in de schoot van de ploeg. Als harde werker en helper maar Jelle, alias Speedy Wally, kan meer. Véél meer. In 2014 won hij Parijs-Tours en een jaar later Dwars door Vlaanderen door onder andere de toenmalige wereldkampioen Michal Kwiatkowski het nakijken te geven.

Met deze mens moet ik dus op pad. Ik ken (letterlijk) mijn plaats en nestel me dus in zijn wiel, vastbesloten dat Wallays tijdens dit kortverblijf in Mojacar en omgeving mijn vaste derny wordt. En zo geschiedde. Tijdens de verkenningen van de mediofondo en granfondo heb ik zijn wiel niet verlaten. En dat heeft zo zijn gevolgen: nooit nog zal ik vergeten dat ‘Mydigipass’ in 2017 op de kont van Lotto-Soudal-renners prijkte.

Gelukkig heb ik zo nu en dan ook rondom mij kunnen kijken, naar de landschappen waardoor het granfondoparcours zich slingert. Andalusië is zeker niet zo groen en wispelturig als andere stageoorden als Mallorca of het noordelijker gelegen Calpe. De wegen zijn meer rechttoe rechtaan, het decor is er ruig en dor maar daarom niet minder aantrekkelijk.

Jelle heeft hier geen gps-toestel nodig, hij kent het terrein hier als zijn broekzak. Er was deze morgen slechts een korte briefing nodig om hem vertrouwd te maken met het parcours van de medio- en granfondo. De eerste 75 km van de granfondo zijn dezelfde als die van de mediofondo. In dat eerste luik worden vooral glooiende wegen aangedaan, eerst langs de kust, daarna richting binnenland. De finale van de mediofondo zal worden gespeeld op de vier kilometer lange beklimming vanuit El Marchal. Daarna volgt de duik richting Mojacar, waar de deelnemers nog enkele knikjes over moeten.

Maagden
Voor zij die de granfondo fietsen, is de eerste 75 km eigenlijk spielerei. In de finale wacht ook hier de Bédar-klim maar daarvoor is er een lastig en lang tussenstuk met wegen die je beetje bij beetje slopen én ook met enkele scherprechters erin. Eén van hen is de Puerto de La Virgen of ‘de poort van de maagd’. Zeker geen moordenaar maar een ‘loper’. Weliswaar iets meer dan tien kilometer lang en met een top die 1.070 meter boven de zeespiegel ligt.

“Geen maagden te zien”, grapt Jelle wanneer we de top overschrijden. Er wacht een vloeiende en zo nu en dan technische afdaling. We maken een pittige lus – goed voor 55 km en 1.060 hoogtemeters – tot we opnieuw aan de voet van de ‘Maagdenpoort’ verschijnen. “Nog eens?”, vraagt Jelle. De grapjas. Nee, liever niet.

Even later, aan de voet van de Bédar-beklimming (ook wel El Campico genoemd door de locals, nvdr.), kies ik resoluut voor mijn eigen tempo. Ik laat Jelle wijselijk gaan. Hij wil straks schitteren in het voorjaar en wil in 2018 ook naar de Ronde van Frankrijk. Ik maak mezelf wijs dat hij al ver staat in zijn voorbereiding op zijn nieuwe wielerseizoen.

We hebben al ruim 170 km achter de kiezen. De zonsondergang zit eraan te komen. Het panorama is fantastisch. Het is genieten… ondanks de brandende benen. Het is nog even tot de top. Windvestje aan en gaan! Speedy Wally is al weg, hij is cabeza de carrera, kop van de koers.

Mojacar lonkt nu. Ik vind mijn groot verzet en ritme terug. Via Los Gallardos bereik ik Turre. Daar zie ik de witte huisjes van het oude stadsgedeelte van Mojacar opdoemen. Ik had er gisteren nog een ontmoeting met de burgemeester die zo hard gelooft in de granfondo, dat ze alle deelnemers een paella wil serveren na hun granfondo.

Net voor Mojacar is er nog een vervelend klimmetje. Twee kilometer lang maar een ettertje, zeker na ruim 190 km. Hier zal eind mei het kaf al lang van het koren zijn gescheiden. Wie evenwel nog af wil van zijn of haar vluchtgezel, kan het hier nog eens proberen.

Ik duik richting het strand. Aan het rondpunt waarop ‘Mojacar’ prijkt, draai ik linksaf. Het is nog drie kilometer langs de kustlijn. Ik neem een tijdrijdershouding aan en leg de polsen losjes over het stuur. Ter hoogte van Hotel Marina Playa ligt de streep. Vandaag nog virtueel, op 26 mei he-le-maal echt. Ik pers er nog een sprintje uit en laat me dan uitbollen tot de garage van het hotel. Jelle is er al. “Een goeie training. Zo’n granfondo, dat zou ook nog iets voor mij zijn”, zegt hij. En dan volgt die vette knipoog.

Deelnemen aan de Granfondo Costa Almeria
De eerste editie van de International Granfondo Costa Almeria wordt er een om naar uit te kijken. We kunnen alleen maar toejuichen dat meer Spaanse cyclo’s op de granfondokalender belanden, zeker als er Belgen achter het initatief zitten. De mediofondo (120 km, 1.480 hm) is haalbaar voor de gemiddelde wielertoerist. De granfondo (200 km, 3.250 hm) is een grotere uitdaging en voer voor de granfondisti die ook mikken op tochten zoals Les 3 Ballons of La Marmotte. Deelnemen kan voor 55 of 95 euro. Voor dat laatste bedrag krijg je er een exclusief wielershirt van de granfondo bij en een gegarandeerd plekje in het eerste startvak. De GF Costa Almeria lijkt een ideale test voor de ‘klassieke’ granfondo’s die later in het seizoen volgen in Italië en Frankrijk. Of gewoon het perfecte slot van je fietsvakantie die je misschien in diezelfde periode wil gaan doen. Zo kan je voor die periode via Kortweg Cycling Travel een vier- of zevendaagse fietsvakantie, mét granfondodeelname, boeken.

Tags:

Gerelateerde artikels