De kunst van het vallen

Mountainbikers die de techniek goed beheersen, kunnen veel valpartijen voorkomen. Toch zal iedere mountainbiker die de grenzen opzoekt een keer tegen de vlakte gaan. Vallen lijkt nou eenmaal bij het mountainbiken te horen. Belangrijk is het dat je weet hoe je moet vallen om de schade te beperken.

29/04/2017 - Tekst: Redactie // Foto's: Grinta!

Als je onderuit gaat steek je vaak in een reflex je arm of been uit. Dit is een natuurlijk reactie, bedoeld om je lichaam op te vangen of de val te breken. Het is echter beter om dit niet te doen. Wen jezelf daarom aan tegen deze natuurlijke reactie in te gaan. Je voorkomt botbreuken zo grotendeels. Houd bij een val je stuur met beide handen vast en je armen dicht bij het lichaam.

Hoe gek het ook klinkt: probeer te ontspannen en zeker niet te verkrampen. Maak je daarnaast klein in de hoop dat de mountainbike de val voor een deel kan opvangen. Als je onverhoopt over de kop slaat, probeer dan uit te rollen. Doe de kin omlaag, rol door over je schouder en dan over je rug.

Er zijn heel wat organisaties en partijen in België en Nederland die zogeheten valtrainingen geven. Ze zijn vaak geschikt voor zowel mountainbikers als wielrenners. Natuurlijk is voorkomen beter dan genezen. Voorafgaand aan vertrek kun je een aantal dingen doen om de kans op een val te beperken. Hier zijn enkele voorbeelden:

  • Kies voor een brede band met voldoende profiel. Dat draagt bij aan een goede grip en de toename van het remvermogen. Een grof profiel bij de voorband is belangrijker dan het profiel van de achterband;
  • Rij met een lagere bandenspanning voor meer grip;
  • Stel je remgrepen op zo’n manier af dat je met één vinger kunt remmen. En monteer ze niet muurvast op je stuur om te voorkomen dat ze bij een valpartij afbreken;
  • Kies voor handvatten die je kunt vastschroeven;
  • Laat bar ends aan je stuur weg. Dit om valpartijen op smalle paden te vermijden

Tags:

Gerelateerde artikels

dossiers Fietsen in Osttirol
12/03/2018 - Luc Verdoodt

Fietsen in Osttirol

Onder invloed van mediterrane luchtstromingen ligt de temperatuur in Osttirol gemiddeld meer dan een graad hoger dan in de rest van Tirol. Daardoor zijn de wegen er al vroeg in de lente goed berijdbaar en blijven ze dat ook tot een eind in de herfst. Kantonnale hoofdstad Lienz is dankzij die milde weersomstandigheden uitgegroeid tot een uitvalsbasis van zomersporters. Wandelaars en fietsers boeken er jaarlijks meer dan twee miljoen overnachtingen, om er te ontspannen of om er de basis te leggen van een wereldtitel.