100% Getest: Canyon Lux, meer dan een luxe fiets

Begin juni stelde Canyon in Girona (Spanje) de jongste incarnatie van zijn Lux voor, en wij mochten die nieuwe full-suspension cross-country fiets op zijn merites beoordelen. Dat we er nu pas verslag van doen, komt omdat Canyon tot vandaag alles in orde moest brengen voor de levering aan consumenten. Want wie na het lezen van deze review meteen een Lux wil bestellen, kan dat gewoon doen.

26/06/2018 - Tekst: Roel van Schalen // Foto's: Roel van Schalen/Canyon

De Lux is gemaakt voor cross-country gebruik en de Duitse fietsfabrikant maakte bij de ontwikkeling van de nieuwe fiets maximaal gebruik van de input van de toppers die op Canyon mountainbikes wedstrijden rijden. Canyon sponsort immers een aantal XC-profs van wereldklasse en met onder andere de feedback van die mannen en vrouwen (Alban Lakata, wereldkampioen Marathon, en Pauline Ferrand-Prevot, ooit tegelijkertijd wereldkampioene wielrennen, mountainbiken én veldrijden!) werkte men in Koblenz twee jaar lang aan de nieuwe Lux, die de snelste XC-fully op de markt moest worden. En inmiddels heeft ook wielerwonderkind Mathieu van der Poel uitvoerig kennisgemaakt met de Lux. Het was zijn strijdwapen op de recente MTB-wereldbekerwedstrijden in onder meer Stellenbosch en Albstadt.

Foto: Grinta! incognito een beetje airborne nabij Girona.

Prioriteit nummer één bij de ontwikkeling van de nieuwe fiets was een laag gewicht, want tijdens moderne wereldbekerwedstrijden moet er veel geklommen worden. Verder werd er naarstig gewerkt aan de veerkinematica, omdat ook in het cross-country de parcoursen alsmaar technischer worden, met drops, worteltapijten en rock-gardens. Een goed werkende vering kan dan het verschil maken.

De vernieuwde Lux heeft een grondige make-over gekregen. Bij de vorige versie zat de demper nog evenwijdig aan de zitbuis, de huidige Lux heeft een ‘flat shock’ configuratie, wat wil zeggen dat de demper parallel aan de bovenbuis ligt. De voornaamste reden hiervoor was ruimte creëren voor een extra bidonhouder. Dat was op pertinente vraag van wereldkampioen MTB-marathon Lakata die bij zijn meerdaagse marathonwedstrijden (zoals de Cape Epic) en op training zo veel mogelijk vocht wil kunnen meenemen. De nieuwe Lux kan twee grote bidons (van 750 ml) herbergen in de voorste framedriehoek. Voorwaar een bijzondere prestatie van de framebouwers!

Foto: twee GROTE drinkbussen in de voorste framedriehoek! En een flat-shock configuratie...

Er werd ook uitvoerig onderzocht waar de draaipunten van het veersysteem zouden moeten komen en het testwerk gebeurde op aluminium prototypes. Het resulteerde in wat Canyon ‘Triple Phase Suspension’ noemt. De demper heeft in het eerste deel van de veercurve al relatief veel uitslag, wat wil zeggen dat de vering al bij kleine hobbels in actie schiet. In het middendeel is er een constant afnemende veerwerking (naarmate de hobbels groter worden, drukken vork en demper minder gemakkelijk in) en het laatste gedeelte van de curve is behoorlijk progressief, een term die betekent dat het steeds meer kracht kost om de vork/demper nóg verder in te drukken. Bij echt grote klappen (van een drop af bijvoorbeeld) zal de vering dus minder snel zijn maximale veerweg bereiken, wat het gevoel ten goede komt dat je veerwerking blijft behouden.

Door het draaipunt van de liggende achtervork ter hoogte van de ketting te positioneren werd een voorbeeldig anti-squat gedrag gerealiseerd, aldus Canyon. Anti-squat moet het verlengen/verkorten van de ketting tijdens het trappen en bij een bewegend achterwiel, tegengaan. Hoe meer het scharnierpunt in lijn ligt met de ketting, hoe minder de ketting zal kunnen klapperen. In de praktijk werkte deze theorie perfect. Verlies aan trapkracht door het ongewenst inveren van de demper hebben we niet kunnen opmerken.

Foto: enkel 1x crankstellen in de line-up van de Lux. En ook een kettingvanger die schittert in eenvoud.

Lopen we de specs van de Lux na, dan blijkt een 1x aandrijving een constante over de gehele modellenlijn: alle fietsen hebben een crankstel met slechts één tandblad. Voordeel is dat je geen voorderailleur meer nodig hebt, wat lichter is, en ook geen shifter meer voor die voorderailleur, wat de inrichting van de cockpit overzichtelijker maakt. Bovendien verlicht dat laatste het lastige denkwerk tijdens technische passages een klein beetje  (moet ik de demper uit of aanzetten, moet ik vooraan schakelen, moet ik ook achter bijschakelen, staat de dropper post switch juist… etc.). Zonder voorderailleur heb je een kopzorg minder.

Het voorblad heeft standaard 34 tanden, maar ook 36 of 38 tands-opties zijn mogelijk, en mocht je een 30 of 32 blad willen, dan kan dat ook. Canyon claimt zelfs dat de anti-squat werking in die gevallen met slechts vijf procent minder efficiënt wordt.

Onze testfiets had het zalige Gripshift van Sram. Ooit bewierookt, ooit op onnavolgbare gronden in een doodskist begraven, maar sinds alweer wat jaren toch weer opgevist. Wat mij betreft om een vaste ereplaats te krijgen in het pantheon der schakelsystemen. Het systeem is eenvoudig van constructie, lichter dan alle andere shift-mogelijkheden, nagenoeg onderhoudsvrij, duurzaam als de Moai op Paaseiland en eenvoudiger te bedienen dan een gemiddelde deurbel. Al stemden niet alle collega-testers daarmee in, die werden getriggerd door het ontbreken van triggers.

Foto: Gripshift, and nothing else... O ja, de dropper post van Kindshocks mag ook nog wel in beeld. (Vaag in de achtergrond.)

Aan boord verder nog Maxxis Ikon 2.2 inch banden die naar behoren presteerden. Dat wil zeggen: ze verrasten me nergens, boden alle tractie die ik me kon wensen en hielden zich kranig op het af en toe toch zeer stevige daalwerk waarmee we de Lux uit zijn tent probeerden te lokken.

En het is nog niet gedaan met de nuttige dingen aan de Lux: wat te denken van de minimalistische kettingvanger, quasi-geïntegreerd in het scharnierpunt van de liggende achtervork. Of de fraai onder de bovenbuis ingebouwde en custom ontwikkelde demper, die mooi 'binnen' de bovenbuis past. Een vreugdesprongetje maakte ik bij de ontdekking van de ‘Speed Release steekas’ achteraan: (bijna) het gemak van een uitvalnaaf, en gewoon de sterkte en stijfheid van een steekas! Onzichtbaar van buitenaf, maar met de uitleg van de powerpointpresentatie erbij blijkt dat ook de rocker link (het onderdeel dat demper en achtervork scharnierend met mekaar verbindt) een deksels stukje vernuftelingenwerk is. Gemaakt van een via een spuitgietproces geproduceerd soort carbon, zeventig gram lichter dan zijn voorganger en op desbetreffende plaatsen voorzien van glijlagers of industrielagers, naargelang een optimale werking dat vereist.

Volgens mij zijn we nu wel aan het einde van de bloemlezing der techniek, de dropper post beschouw ik (ook al gaat het hier om een XC-bike) na twee jaar ervaring ermee als een mountainbike-vanzelfsprekendheid die je jezelf alleen nog zou onthouden uit onwetendheid. Net als overigens de overtuiging dat een full-suspension mtb wat mij betreft ALTIJD beter is dan een hardtail, ook in de zogezegd vlakke Benelux.

Die laatste overtuiging werd nog eens dik onderstreept door de nieuwe Canyon Lux. Een beest van een bike. De uitgekiende kinematica doet de veerweg van 100 mm (zowel vooraan als achteraan) aanvoelen als eentje van 120 mm, zo goed wordt het dempingstraject benut. Het resultaat is dat de bike ook over uitdagende grotere brokken steen en rots heen vliegt alsof het kiezels zijn. Harde klappen worden zachte landingen door het naar het einde toe progressieve gedrag van vork en demper. Ga je bergop, dan is het genieten van het pluimgewicht van deze fully. Onze CF SLX 9.0 Pro Race testbike van 5.599 euro tikte net de 10,0 kg aan, maar dat is ruim licht genoeg voor bunny-hops in allerlei soorten en maten, voor ontspannen peddelen op lange beklimmingen en voor een wendbaarheid waar ik U tegen zeg. Gooi en smijt zoveel als je wil, de Lux verdraagt het minzaam. De grenzen van de fiets liggen voorbij je eigen grenzen. Althans, ik zal voor mezelf spreken…

Foto: gemakkelijk te bedienen Speed Release steekas. Waren alle steekassen maar zo handig en stijlvol tegelijk.

De bediening van de Lux is in alle opzichten ook raak. Zowel wat betreft rijgedrag (controle, stabiliteit, voorspelbaarheid) als de technische werking (demper en voorvork zijn met één switch uit of aan te zetten, Gripshift werkt zoals gezegd vlekkeloos, de Sram Level remmen werken feilloos en de achterderailleur schakelt trefzeker. Alleen de remote van de dropper post (een Fox-hendel) was taai in te drukken, en we zouden ook de gemonteerde Ergon grips inruilen. Voor het overige? Niet te veel meer aan veranderen!

Canyon biedt (uiteraard) een volledige reeks nieuwe Lux’en aan. Allemaal hebben ze een carbon frame met een 1x aandrijving waarbij het SL-frame iets zwaarder is dan het SLX-exemplaar, dat van lichter carbon is gemaakt. De Lux CF SL 6.0 Pro Race (11,8 kg) is er voor 2.599 euro en via SL 7.0 Race, SL 8.0 Pro Race, SL 8.0 Race Team (4.599 euro) gaat het naar de CF SLX 9.0 Pro Race en de SLX 9.0 Race Team (10,0 kg, 5.999 euro).

De fietsen zijn per direct bestelbaar op de site van Canyon: www.canyon.com

Tags:

Gerelateerde artikels

Getest 100% Getest: Watteam Powerbeat Dual
30/01/2018 - Redactie

100% Getest: Watteam Powerbeat Dual

Watteam is geen nieuwe speler op de markt van vermogensmeters want al in 2014 bracht het Californische bedrijf een scherp geprijsde power meter op de markt. Die eerste versie was evenwel niet succesvol, maar intussen is de Powerbeat aan zijn tweede generatie toe en kan je kiezen voor een vermogensmeting op één (Powerbeat Single, 299 euro) of twee crankarmen (Powerbeat Dual, 449,99 euro). Wij gingen met de Dual, lijm en zakken water aan de slag…