100% Getest: Trek Madone SL7

In de Velofollies-beursgids van dit jaar lees je bij de racefietstrends voor 2020 onder andere dat de prijzen in het tussenseizoen weer een tikkeltje stegen, maar dat je voor je extra centen beduidend meer waar krijgt. De Madone SL7 werd in het tussenseizoen aan de Trek line-up toegevoegd en is de perfecte illustratie van de stelling ‘meer waar voor je geld’.

16/01/2020 - Tekst: Redactie // Foto's: David Stockman

Van SLR naar SL

Want vorig jaar nam Trek aan de Racefiets van het Jaar – Powered by Grinta! verkiezing deel met de Madone SLR6 Disc. En daarover hadden we het volgende te zeggen: “Betaal je 5.999 euro voor een racefiets, dan mag je Shimano Ultegra Di2 verwachten en geen mechanische derailleurs.”

Een stelling die blijkbaar ook bij Trek CEO John Burke is geraakt (al gaan we die pluimen niet op onze hoed steken, bij Trek weten ze echt wel wat ze doen) want deze zomer werden de Madone SL7 Disc en Madone SL6 Disc aan het gamma toegevoegd. Die fietsen worden gemaakt in de mal van de Madone SLR, maar in plaats van het bijzonder hoogwaardige OCLV 700 carbon te gebruiken, worden de SL’s gemaakt met OCLV 500 carbon.

Een paar centimeter aan leidingen onder de stuurpen en drie centimeter kabel aan de achterderailleur: al de rest zit weg.

Gamechanger

Toen Trek vier jaar geleden met de nieuwe Madone op de proppen kwam, was dat een regelrechte gamechanger om het maar eens op zijn Amerikaans te zeggen. Want sinds de verfoeide Lance Armstrong zijn conditie op punt zette op de Col de Madone en Trek zijn high-end carbon racefiets naar die berg vernoemde, was de Trek Madone altijd al een allround inzetbare racefiets geweest. Maar met de Madone die Trek midden 2015 introduceerde sloeg Trek een compleet andere richting in. Want alle aero racefietsen die toen bestonden, waren allemaal knetterharde bakken die bij de aanblik van een kassei al begonnen te stuiteren. Trek slaagde er in om de lichtvoetige rijeigenschappen van de Madone te behouden, er een enorme portie aero overheen te gieten én het comfort te garanderen met de IsoSpeed decoupler ter hoogte van de zitbuis. En het mooiste van allemaal was dat het gewicht binnen de perken bleef want een high-end Madone met Shimano Dura-Ace en carbon wieltjes woog 7,2 kilo.

Maar dat was vijf jaar geleden. Ondertussen is de schijfrem de norm geworden en dat heeft zo zijn effect op het gewicht van de fiets. De Madone SL7 van 5.999 euro weegt 8,50 kilogram. Omdat je aero frames wel wat zwaarder moet maken, anders krijg je op basis van die buisprofielen nooit een kader dat sterk genoeg is. Omdat schijfremmen gewicht toevoegen. Omdat integratie nu eenmaal extra grammen met zich meebrengt. Omdat…

Van grijze muis naar blitse bolide

Was de Madone SLR6 waarmee Trek vorig jaar aan het concours ‘Racefiets van het Jaar – Powered by Grinta!- deelnam letterlijk en figuurlijk een grijze muis, dan komt de SL7 een stuk expressiever voor de dag. Ondanks de vervanging van de velgremmen met ‘vleugeltjes’ door schijfremmen en de toevoeging van de bladveer aan de onderkant van de bovenbuis (een technologie die eerst op de Domane comfortracers werd ingevoerd), behield het Madone platform zijn kenmerkende eigenschappen. De Kammtail onderbuis is heel fors uitgevoerd, de aero zadelpen schuift in een hoog doorgetrokken zitbuis, de staande achtervork wordt voor de zitbuis aan de bovenbuis bevestigd en in de massieve balhoofdbuis zit een kenmerkende bolling. Alle kabels lopen binnendoor en het luikje dat vroeger in de onderbuis zat voor de inbouw van de Di2 junction box verdween. De controleunit van de Shimano elektronische derailleurs zit nu immers netjes in de rechter stuurdop weggewerkt. De eerste Madones werden geleverd met een vaste cockpit, maar omwille van de instelbaarheid werd die vaste combinatie van stuur en stuurpen inmiddels ingeruild voor een losse stuurpen in combinatie met een aluminium stuur. Aan de onderkant van de stuurpen zie je een paar centimeter olieleiding lopen, maar verder niks. De combinatie van matzwart met glimmend blauw is een zaak van haat of liefde, andere kleuropties zijn er niet.

Aero en compact? Serieus?

Vroeger kromp mijn maag al ineen bij de aanblik van een aeroracer met een compact aandrijving. Die reactie is inmiddels al wat afgezwakt want je moet het allemaal in het juiste perspectief zien. Want Trek koppelt het ‘recreatieve’ 50/34 crankstel aan een ‘sportieve’ 11-28 cassette zodat aan het einde van de rit een aandrijving ontstaat die je op heel uiteenlopende terreinen kunt inzetten. Minstens even belangrijk in het hele plaatje is dat je de Madone SL7 Disc niet als een die hard racebak moet beschouwen want dan laat je je een beetje vangen aan de uitgepuurde aerovormen. De Madone SL 7 is een allrounder waar je probleemloos de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix mee rijdt, met dank aan de bladveer aan de onderkant van de bovenbuis die trillingen eet voor ontbijt, lunch en avondmaal terwijl de voortrein van de fiets door een vergelijkbaar IsoSpeed decoupler comfortabeler wordt gemaakt.

Vliegend tapijt

De eerste vaststelling is dat de Madone SL7 Disc in maatje 58 met de H1.5 geometrie best een ‘ruime’ fiets is met een vrij lange bovenbuis en een stuur dat wel kamerbreed lijkt (44 cm, alstublieft!). Het Bontrager Aeolus Comp zadel is een modern exemplaar: kort, breed én comfortabel dus. Leuk trouwens dat Trek voor het comfort aan boord van de Madone SL7 Disc niet alleen op het frame rekent, maar ook voldoende aandacht besteedt aan de contactpunten tussen fiets en fietser. Want naast het prima zadel verdient ook het rubberachtig aanvoelende Bontrager stuurlint een duimpje. De 25 mm brede Bontrager R3 banden die om de prima Aeolus Pro 5 carbon velgen liggen (50 mm hoog, voor en achter) voelen jammer genoeg een beetje stug aan. Omdat het frame met zo veel trillingen aan de haal gaat en de Madone als een vliegend tapijt geruisloos over de weg lijkt te zweven, schieten de rijsensaties er een beetje bij in. De Shimano Ultegra Di2 derailleurs doen hun werk zonder morren, op de schijfremmen kan je altijd en overal vertrouwen en zo glijden de kilometers bijna ongemerkt onder je wielen door. Moet je in een koers constant in de remmen en weer optrekken, dan voel je dat je niet met de lichtste fiets van de planeet onderweg bent. Maar rij je langere afstanden aan een hoog tempo, dan heb je er geen last van dat de fiets een beetje lichtvoetigheid mist. Of noem het een gebrek aan frivoliteit: de Trek Madone SL7 doet alles goed, laat op geen enkel vlak steken vallen waardoor het allemaal een beetje steriel aanvoelt. Al is dat uiteraard een heel relatief kritiekpunt want niet iedereen zit te wachten op een zogeheten karakterfiets die een strenge hand nodig heeft om in het gareel gehouden te worden.

Conclusie

Was de eerst Madone aerofiets een bijzonder efficiënte machine waar ik een half jaar lang bijzonder graag mee gekoerst heb, dan is de Madone SL7 Disc toch een heel ander apparaat. Veel comfortabeler en efficiënter op lange afstanden, maar veel minder de gooi- en smijtfiets die de Madone ooit was. Dus laat je bij de aankoop niet foppen door de heel racy looks van de Trek Madone SL7 Disc want het is niet omdat de fiets er wedstrijdklaar uitziet, dat je er ook effectief de criteriums moet mee afschuimen. Wel in tegendeel: op het jaagpad van Evergem tot Oostende voelt de Madone SL7 Disc zich minstens even goed in zijn sas.

Alle details van de Trek Madone SL7 Disc vind je hier.

Tags:

Gerelateerde artikels

Getest 100% Getest: Wilier Zero SLR
24/06/2019 - Gilles Bultinck

100% Getest: Wilier Zero SLR

De renners van Total-Direct Energie zullen tijdens de Tour de France op de Zero SLR rijden, het nieuwste paradepaardje van het Italiaanse Wilier. De internationale fietspers werd al begin mei naar Rossano Veneto – de thuishaven van het in 1906 opgerichte merk – uitgenodigd voor een eerste kennismaking met de Zero SLR. We maakten van de gelegenheid gebruik om voor eens en voor altijd uitsluitsel te krijgen over de juiste uitspraak van de merknaam: “Vwiljier”.