100% Getest: Wilier Cento1 Hybrid

Wie zich herinnert dat de huidige partij Groen in 1979 als Agalev werd opgericht, is sowieso een potentiële koper van een Wilier Cento1 Hybrid wegens oud genoeg. Agalev was de afkorting van ‘Anders GAan LEVen’ (later werd er ook ‘Anders Gaan Arbeiden, Leven En Vrijen’ van gemaakt, LOL), voor wie op een racefiets met elektrische trapondersteuning rijdt zou ik een nieuwe partij willen oprichten: Agafiets. Van ‘Anders Gaan Fietsen’.

07/11/2018 - Tekst: Bart De Schampheleire // Foto's: David Stockman

De E-bikemarkt boomt als nooit tevoren en in ijltempo worden alle segmenten van de fietsbusiness geëlektrificeerd. Het begon met elektrische stadsfietsen, toen kwamen de E-mountainbikes en momenteel worden de E-racefietsen en E-gravelbikes aan de lopende band gelanceerd. Het grootste vraagstuk dat de fietsfabrikanten daarbij moeten oplossen is ‘voor welke aandrijfunit kiezen we?’. Een flink percentage kiest voor de Duitse Fazua-unit die een batterij in de onderbuis aan een motortje op de trapas koppelt, steeds meer fietsfabrikanten opteren echter net als Wilier voor de Ebikepower X35 unit. Dat laatste product komt uit Spanje en verspreidt het gewicht van batterij, motor en controller (in totaal goed voor 3,7 kilogram) over meerdere zones op de fiets. De 250W batterij van Panasonic wordt via een luik onder het bracket in de onderbuis gemonteerd, de laadpoort zit bovenop de bracketpartij, de tamelijk geniale iWOC ONE controller (waarover later meer) vind je bovenop de bovenbuis en de 40 Nm sterke elektromotor zit in de achternaaf met 32 spaakgaten. Het grootste voordeel van de Ebikepower motor is dat het extra vermogen rechtstreeks op de achteras wordt geleverd en dus voor geen extra belasting op de aandrijflijn van de fiets (ketting en tandwielen) zorgt. Bij fietsen met een centraal geplaatste motor die zijn vermogen op het bracket levert is een duidelijk verhoogde slijtage van ketting en tandwielen merkbaar, maar daar heeft de Wilier Cento1 Hybrid dus geen last van. Tweede voordeel is dat het gewicht meer over de fiets verdeeld zit en met 12,9 kilogram (net een kilo meer dan wat Wilier zelf opgeeft) valt het gewicht van de E-Wilier best mee. Fietsen met een elektromotor in de achternaaf hebben wel een minpunt dat veel eigenaars van een Speed Pedelec van het Strömer genre goed kennen: door het zwaardere achterwiel is het niet zo gemakkelijk om over obstakels of putjes te springen waardoor de kans op een lekke achterband vergroot. Is dat bij een Speed Pedelec doorgaans genoeg om de VAB te bellen voor technische assistentie, dan countert Ebikepower dat euvel op een betere manier. Onder de linker liggende achtervork loopt de Can-Bus stroomkabel van de batterij naar de motor, maar met een stekker en een contact kan je die kabel losmaken zodat je het achterwiel gemakkelijk uit de fiets kunt halen.

Ziet er niet uit als een E-racer, is het wel.

Racefiets

Leuke vaststelling: Wilier zet de Cento1 Hybrid niet tussen zijn E-bikes op de website. Nee, je vindt de Cento1 Hybrid gewoon tussen de koersfietsen en mocht je het niet weten, je zou al veel moeite moeten doen om de Cento1 Hybrid als een E-racefiets te herkennen. Gewoon omdat alles zo netjes geïntegreerd is en omdat de Hybrid er met zijn oversized onderbuis, uitgepuurde aerovormen en laag aangezette staande achtervork als een ‘normale’ moderne aeroracer uitziet. Liefst zeven verschillende varianten biedt Wilier van de Cento1 Hybrid aan waarbij het instapmodel met Shimano 105 aandrijving voor 4.100 euro van eigenaar verandert. Ga je voor een afmontage met Shimano Dura-Ace Di2 en Miche SWR full carbon velgen, dan ben je 8.200 euro kwijt. Onze testfiets met Shimano Ultegra aandrijving (50/34 crankstel en 11-30 cassette, 160 mm remschijven voor en achter), Miche Race Axy WP wielen, Vittoria Zaffiro 28 mm banden en aluminium Wilier zadelpen, stuurpen en stuur moet 4.500 euro opleveren voor Wilier. Waarmee de Cento1 Hybrid in het E-racesegment beslist niet overmatig geprijsd is.

Van links naar rechts: de X35 naafmotor, de stekker op de stroomkabel, de laadpoort op het bracket en de iWOC ONE bedieningsknop op de bovenbuis.

Knappe knop

Ik moest het nog over het geniale van de iWOC ONE controller hebben. Die wordt in een gat in de bovenbuis van het frame ingebouwd en kan eigenlijk voor allerlei doeleinden worden geprogrammeerd. In E-bikes voor stedelijk gebruik kan er een bewegingssensor worden aan gekoppeld, maar je programmeert hem evengoed in functie van de trapondersteuning. In het geval van de Wilier Cento1 Hybrid licht de ring rond de drukknop wit op als je de fiets activeert. Een groene ring staat voor heel lichte trapondersteuning, oranje staat voor wat meer ondersteuning en met de lamp op rood laat de Ebikepower unit zijn volle 40 Nm los. Bij de Ebikepower X35 unit hoort ook een app die via Bluetooth met je fiets communiceert en die je toelaat om ‘on the fly’ de verschillende powermodi aan te passen. Op je telefoon kan je dan ook zien hoeveel resterende actieradius je nog hebt. Best een slimme knop dus.

Op de pedalen lopen lukt aardig, dalen gaat stabiel. Bij krappe maneouvres laat je de achterrem best wat slepen om te voorkomen dat de fiets onder je vandaan schiet als de naafmotor ineens 40 Nm aan het asfalt smeert.

Wieltjeszanger

Het eerste wat me opvalt als ik met de Hybrid wegrij is dat de zithouding op de racefiets beslist niet lui is. In maat large zit er een 16,5 cm hoge balhoofdbuis in het frame wat een sportieve zithouding mogelijk maakt. Anders dan bij een E-racefiets met middenmotor is het opvallend dat staand klimmen met de Wilier geen probleem is. Laat een E-racer met middenmotor zich bij staand klimmen eerder lomp van links naar rechts overgooien, dan heeft de X35 unit daar veel minder last van. En hoor je de elektromotor bij het afstelwerk in het atelier nog lustig zoemen, dan hoor je dat amper als je aan het fietsen bent. Omdat de rijwind en de positie van de motor (een beetje achter en onder jou, in de achternaaf) het systeem voor jezelf als fietser bijna fluisterstil maakt. Wie in je wiel kruipt om beschutting te zoeken voor de wind, zal de aandrijving beter horen dan jijzelf. Ook in de bochten en afdalingen voelt de Wilier elektrische racefiets niet lui of lomp aan. Uiteraard is er meer gewicht en dat voel je, dramatisch wordt het echter niet. Het frame is niet het allerstijfste van de planeet: een paar rukken van links naar rechts aan het stuur volstaan om de boel een beetje aan het zwabberen te brengen. Maar dan zitten we eigenlijk al in de categorie ‘oneigenlijk gebruik’ want met een E-racefiets moet je weer een beetje leren fietsen. De eerste paar tientallen kilometers van de testrit slaag ik er nog niet in om mij in de leefwereld en fietsstijl van de E-racefietskoper te verplaatsen en valt de Wilier mij tegen. Op de stroken vals plat in de Vlaamse Ardennen probeer ik volgas omhoog te rijden zoals ik dat ook op een gewone racefiets, crossfiets of mountainbike zou doen. Dan loop je echter al snel tegen het extra gewicht van de Wilier en de relatief beperkte weerstand van de naafmotor aan. Eens je boven de 25 kilometer per uur rijdt, valt de trapondersteuning sowieso weg en dan is het ‘werkendag’ om de Hybrid aan de gang te houden.

Genietersfiets

Tijdens de fotoshoot bedenk ik bij mezelf dat ik niet goed bezig ben en herinner ik mij een gesprek met een fietsenmaker die al een tiental E-racefietsen aan de man bracht. “In tegenstelling tot wat we vooraf vermoedden, heb ik nog geen enkele E-racer verkocht aan een actieve fietser die zijn fietsmakkers op lastige ritten niet meer kon volgen. Al onze E-racefietsen verkochten we aan mensen die ofwel omwille van een medische aandoening niet meer intensief mogen sporten ofwel een lange tijd niet meer op de racefiets actief waren. In beide gevallen zijn het mensen die wel nog sportief willen fietsen, maar vooral willen genieten”, vertelde de fietsenmaker. Na de fotoshoot vervolg ik mijn weg door de Vlaamse Ardennen met een andere mentale ingesteldheid: proberen te genieten van de omgeving en de rit, zonder mezelf af te beulen. Er gaat een compleet nieuwe wereld voor mij open en de Wilier speelt daarin een belangrijke rol. Op natte kasseien moet je met de iWOC ONE controller in stand rood een beetje opletten want dan komt de 40 Nm extra koppel er soms een beetje brutaal in. Evenzo moet je bij het uitbollen ook effectief je benen stil houden want als je de trappers blijft ronddraaien (ook al zet je geen kracht op de pedalen), dan zal de elektromotor je dat duwtje in de rug blijven geven. De verschillen tussen de drie rijmodi zijn duidelijk voelbaar en de lol van het E-racen zit er in dat je de motor zoveel werk laat opknappen als je zelf wil, zo lang je maar onder de 25 kilometer per uur blijft. Wil je je op de hellingen in het zweet rijden? Geen probleem: zet de unit in stand ‘groen’ en je zal nog flink moeten bijtrappen om de gang er in te houden. Heb je een luie dag of zijn de beentjes bijna leeg? Ook geen probleem: gewoon de trappers rond blijven draaien en de iWOC ONE in stand rood zetten volstaan om de helling naar boven te vliegen. Ebikepower claimt een actieradius van 75 kilometer, wil je die afstand verdubbelen dan kan je in de bidonhouder op de zitbuis een extra 250W batterij installeren.

28 mm breed rubber heb je nodig, maar de Vittoria Zaffiro's zijn eerder stug en het aluminium stuur is ook een beetje goedkoop.

Comfortkansen

Helemaal rozengeur en maneschijn is het anderzijds ook niet want in deze versie laat de Wilier Cento1 Hybrid toch nog een paar kansen liggen. Op de Shimano Ultegra mechanische derailleurs valt niks aan te merken en ook de hydraulische schijfremmen met 160 mm rotors voor en achter zijn ideaal voor deze  E-racer. 28 mm banden heb je sowieso nodig om het extra vermogen en de extra remkracht efficiënt te kunnen overbrengen, maar de Zaffiro is nu niet meteen de comfortabelste band in het Vittoria-assortiment. En net op vlak van comfort had het een tikkeltje meer mogen zijn op de Cento1 Hybrid, zeker met de ‘genietersdoelgroep’ voor ogen. Het Selle Italia X1 zadel is wel goed gevuld, maar heel smal en langs het eenvoudige aluminium stuurtje met weinig dempend stuurlint komen de trillingen en klappen nogal hard door.

Conclusie

Als testrijder moet je je in de plaats van de potentiële klant proberen te zetten en dat is lang niet altijd evident. De E-racefiets is ideaal voor fietsers die nog wel de sportieve zithouding van een koersfiets willen, maar geen zin meer hebben om elke rit met een bezwete rug te beëindigen. Rijden je makkers te snel en wil je hen met deze fiets volgen, dan zal dat vermoedelijk niet veel helpen. Zeker niet als ze meer dan 25 per uur gemiddeld rijden want boven de 25 per uur sta je er alleen voor. Dit is een fiets voor mensen die om medische redenen van welke aard dan ook niet meer volgas mogen gaan op de racefiets of voor mensen die na een lange tijd van inactiviteit terug van de buitenlucht op de koersfiets willen genieten. 4.500 euro is niet goedkoop, maar wel goedkoper dan de concurrenten met middenmotor. En als je op de juiste manier aan de slag gaat met deze Wilier, dan zal je er plezier aan beleven. Een ander soort plezier dan wat ik nu ken, maar misschien word ik over een jaar of vijftien ook wel lid van de partij ‘Anders Gaan Fietsen’…

Outfit check

Helm: Bontrager Velocis MIPS

Bril: Lazer Walter

Shirt: Q36.5 Hybrid Que

Lange broek: Q36.5 Salopette L1

Sokken: Bontrager Race LTD Crew

Schoenen: Bontrager Velocis

Meer info over de Wilier Cento1 Hybrid vind je hier.

Tags:

Gerelateerde artikels

Getest 100% Getest: Wilier Cento1 Hybrid
07/11/2018 - Bart De Schampheleire

100% Getest: Wilier Cento1 Hybrid

Wie zich herinnert dat de huidige partij Groen in 1979 als Agalev werd opgericht, is sowieso een potentiële koper van een Wilier Cento1 Hybrid wegens oud genoeg. Agalev was de afkorting van ‘Anders GAan LEVen’ (later werd er ook ‘Anders Gaan Arbeiden, Leven En Vrijen’ van gemaakt, LOL), voor wie op een racefiets met elektrische trapondersteuning rijdt zou ik een nieuwe partij willen oprichten: Agafiets. Van ‘Anders Gaan Fietsen’.

Getest 100% Getest: Mantel R50 TLR wielset
03/09/2018 - Bart De Schampheleire

100% Getest: Mantel R50 TLR wielset

Wie wil er geen stel full carbon wieltjes om zijn racefiets mee op te leuken? Maar heeft iedereen tweeduizend euro of meer in de schuif liggen om aan een stel high-end carbon hoepels van een prestigieus merk te besteden? Onbetrouwbare spullen van Oosterse online dumpingsites dan maar of spulletjes van een huis-, tuin- en keukenknutselaar uit je wielerclub? Of gewoon richting Mantel surfen/hollen voor een stel R50 TLR’s?