Test: Lapierre Aircode

Begin juni waren we aan de Franse zuidkust te gast bij Lapierre voor de presentatie van twee voor 2018 vernieuwde modellen. De test van de Pulsium enduranceracer kon je al lezen in Grinta 62, maar op het mediterrane asfalt rond Fréjus gaven we ook de Aircode aeroracer de sporen.

31/07/2017 - Tekst: Roel Van Schalen // Foto's: Lapierre

Waar de Pulsium geïnspireerd is op het Lapierre model Xelius XL (een fiets die gebouwd werd rond ronderenner Thibaut Pinot), is de Aircode opgetrokken naar de wensen en noden van een andere klepper van FDJ, rouleur-sprinter Arnaud Démare**. Die wil vooral snelheid en reactiviteit, elementen waar hedendaagse aeroracers in willen uitblinken. De Aircode is onmiskenbaar een aeroracer. Minder uitgesproken van uiterlijk dan de Pulsium in zijn categorie, maar zeker een aangename verschijning. Eerder bescheiden dan dikdoenerig, zoals vele van zijn soortgenoten. Lapierre nam dan ook de benadering van eenvoud. Geen aero-integratie ten koste van alles, maar een fiets met behoud van het juiste lage gewicht, een correcte werking van de remmen (geen remhoeven onder het bracket bijvoorbeeld, of in de voorvork geïntegreerde exemplaren, met meestal een matige remwerking) en niet te vergeten de mogelijkheden om de fiets gemakkelijk te onderhouden. Vooral op dat laatste punt scoren veel aerofietsen met een maximale integratie van de onderdelen wel eens ver onder de maat. Niettemin blijven er genoeg aero-elementen over: er is een semi-geïntegreerde direct-mount voorrem, een rond het achterwiel gekromde zitbuis en een TrapDoor-luikje onder het bracket, waar een eventuele Di2-batterij in mag plaatsnemen. Lapierre speelde met een mix van Naca- en Kammtailprofielen voor een optimale aerodynamica. De Kammtail is tegenwoordig een veel geziene oplossing voor het profiel van de onderbuis, enigszins gedwongen door de UCI-regel van 3:1 (de verhouding tussen profiellengte en –breedte mag niet meer dan 3 bedragen). Een korte balhoofdbuis (160 mm in maat L is echt wel kort en heerlijk racy) en een laag geplaatste onderbuis zorgen samen met de nieuwe semi-geïntegreerde voorvork voor de minst mogelijke frontale weerstand. Een en ander werd gekopieerd van Lapierres tijdritwapen, de Aerostorm. De Aircode kreeg echter een kleinere vorksprong mee en het voorwiel werd dichter bij de onderbuis geplaatst voor een directer stuurgedrag.

Dat laatste is goed voelbaar. Hoewel de nieuwe Aircode voelbaar zwaarder is dan de Pulsium en daarom bij het wegrijden minder lichtvoetig aanvoelt, stuurt hij zeker niet minder scherp. De Pulsium laat zich bij staand klimmen licht als een veertje onder je door heen en weer zwiepen, bij de Aircode voel je meer massa die 'verwerkt' moet worden. Eenmaal op kruissnelheid bolt de Aircode als een stoomtrein. De eerste meters op de fiets deden vermoeden dat het weleens een tough ride kon worden op het hete mediterrane asfalt, zo hard als de fiets (en/of het zadel? (nee, want dat was een Fi’zi:k Arione)) aanvoelt. Wonder boven wonder ebt dat gevoel even snel weg als het gekomen is. Dank daarvoor aan de rubberen insert in de nieuw ontworpen aero-zadelpen. Alle beetjes helpen, kennelijk. De Aircode is dankzij de PowerBox-technologie die we ook al bij de Pulsium aantroffen een stijf heerschap, althans waar dat van pas komt, te weten in het onderste deel van de frameconstructie. Verder heeft de aerobike een stabiliteit die klinkt als een klok. En net als bij de Pulsium staat ook bij deze fiets de geometrie helemaal op punt.

In een lange high-speed afdaling, waarbij zoals gewoonlijk in een groep fietsende mannen de krachtsverhoudingen nog eens moesten worden afgebakend, gingen we daarom op zoek naar de grenzen van de Aircode. Maar die kwamen niet in zicht, want de bike deed gewoon wat hem gevraagd werd. Het waren onze eigen grenzen die beperkend bleken. Gezond verstand noemt of angst om te vallen, noem het wat je wil… Niet met schijfremmen De Aircode is er voorlopig niet in disc-uitvoering. Lapierre onderzoekt momenteel de invloed daarvan op de aerodynamica, maar in de wandelgangen meenden we te horen dat in modeljaar 2019 wel een schijfremversie van deze bike te koop zal zijn. Tot die tijd kun je je evenwel prima vermaken met één van de volgende 2018 modellen: de 900 Ultimate Pinot (met Ultimate frame), de 900 Ultimate FDJ (in speciale metaallakking in teamkleuren) en de ‘gewone’ 900 Ultimate (nog altijd met Dura Ace Di2 en Cosmic Pro Carbon wielen). Daaronder komen de 800 Ultimate, de 700 Ultimate FDJ, de 600 en de 500 (met Shimano 105 en Mavic Aksium wielen). De Aircode zal rond september beschikbaar komen en prijzen ervan zijn nog niet vastgesteld.

** Overigens weet ook Thibaut Pinot de Aircode wel te waarderen, getuige zijn opgemerkte optreden ermee in de voorbij Giro d’Italia, waar hij onder meer een ritzege boekte.

Tags:

Gerelateerde artikels

Getest 100% Getest: Canyon Grail AL 7.0 SL
14/08/2019 - Bart De Schampheleire

100% Getest: Canyon Grail AL 7.0 SL

Verende voorvorken, dropper posts, omkeerbare bussen in de vorkpoten, dubbele sturen met een zwevende bovenkant, naar beneden geknikte liggende achtervorken, demping in de achtertrein en bizarre frameconstructies waarbij de staande achtervork niet meer aan de zitbuis is gelinkt: je komt wat tegen in de gravelscene. In de zoektocht naar beter, lichter, sneller en comfortabeler draaien de productontwikkelaars elke steen twee keer om zodat een mens zich zou gaan afvragen wat er verkeerd is met 'normaal'. Helemaal niks, zo blijkt na de test van de Canyon Grail AL 7.0 SL.