Kasseien vreten tijdens Roubaix Light

Daags nadat de Nederlander Terpstra Vlaanderen veroverde draai ik de parking op van Velo Club de Roubaix Cyclotourisme. Het is paasmaandag, de straten zijn leeg, en achter de wat zielige aanblik van deze gebouwen schuilt een pak heroïek. Wielergeschiedenis werd hier vlakbij geschreven op de Vélodrome André-Pétrieux. Johan Vansummeren, die er triomfeerde in 2011, fietst met ons internationaal peloton mee door de Hel van het Noorden.

05/04/2018 - Tekst: Steven Verniers // Foto's: Michaël Salens

Een paar jaar terug reed ik de Paris-Roubaix Challenge en de regio tussen Roubaix en het Bos van Wallers bleef me bij als uiterst grauw. Een gebied waarin schoorstenen en donkere huisjes het landschap beheersen, en enkel de graffiti op de spoorwegbruggen kleur brengt. Waar, zoals Summie dat zo mooi beschrijft, altijd wel een oudere man met nog één tand vanuit zijn deurgat 'allé' roept. “Vaak hebben we daarmee gelachen tijdens de ploegverkenningen hier”, grapt Johan.

De schoonste koers van het voorjaar vindt dus plaats in een streek die niet meteen op je bucketlist met vakantiebestemmingen zal komen. De briefing met de laatste praktische zaken helpt ook al niet. Laat niks zichtbaar liggen, neem je fiets mee naar binnen, … Met de fietsen netjes binnen vertelt Johan ons dat we de druk in onze banden niet te hoog willen en dat we ook best de druk van onze darmen laten voor vertrek. “Want die kasseien kunnen geweldig stimuleren.”

“De bandendruk in mijn tubes is meestal vier à vijf bar; in bandjes zal dat zeker één bar meer moeten zijn. Die mindere druk is trouwens vooral belangrijk voor het comfort. Als je banden wat zachter staan krijgen je handen en benen minder schokken te verwerken. Zo kan je die langer sparen en voel je dus minder snel vermoeidheid. Erg belangrijk, maar wel steeds af te wegen met een iets hogere kans op een lekke band.”

Gelukkig trekken wij in het eerste deel van onze rit door het Pays des Collines, langs Belgische zijde. De glooiingen zijn van asfalt en kleuren er nog vijftig tinten groen. De verwachte buiengordel zet zich niet door. Maar goed ook, want op natte kasseien zit ik gegarandeerd, geheel in de sfeer van het paasweekend, met een ei. Tijd genoeg dus om even langs de ex-winnaar van dit monument te fietsen. “Ik fiets eigenlijk nog amper op mijn koersfiets in België”, vertelt Johan. “Ik rijd nog steeds erg graag maar meestal doe ik dat met mijn mountainbike, weg van het verkeer. En ook niet langer dan een viertal uurtjes. Kasseien doe ik enkel nog als ik niet anders kan. Ik zie geen reden om ze op te zoeken als het niet moet.” Johan fietst ondertussen ook op Griekenland, waar hij fietsvakanties aanbiedt in Loutraki, op 80 km van Athene. Meer avontuurlijke wegen, meer cultuur en meer zekerheid op goed weer. Het is er nu reeds 26 graden. Wij moeten het nog met veel minder stellen eind maart.

Ongeveer halfweg de tocht staat de mobiele koffiebar Le Départ opgesteld in het dorpje Peronnes-les-Antoing. We kunnen er genieten van een heerlijke koffie en een smoothieshot van framboos. Een extra shot die we graag tot ons nemen, want in het tweede deel krijgen we een pak kasseien onder de wielen geschoven. We zoeken het traject van de klassieker op en trotseren de integrale finale vanaf secteur six.

Voor het zover is laat ik me onderdompelen in het internationale karakter van ons peloton. Miguel Carvalho komt van Portugal en is naar België afgezakt met een mooi verhaal. Hij is hier om te proeven van alle voorjaarsklassiekers in de Lage Landen. Twee maanden zal hij hier rondreizen zonder vooraf te weten waar hij zal slapen. “Veel meer respect is er hier voor de fietsers”, vertelt hij. “Bij ons telt alleen voetbal. Enkel als er een Portugees ergens een grote koers wint, is er een plekje op de voorpagina, maar anders is er zelden plek voor koers. Portugal is geen fietsland. En de auto’s houden ook minder rekening met ons. Helemaal anders dan hier. Jullie hebben zelfs fietspaden! And the chocolate is really nice too!” De man reed De Ronde en kwam bij Grinta! proeven van de stenen van Roubaix. Volgende halte is de Amstel en dan richting Luik. “To feel the cobbles, it's fantastic!

“Volg mijn spoor”, vertrouwt Johan me toe vlak voor de tweede strook 'cobbles'. “Voor de haakse bocht naar links richting Camphin-en-Pévèle gaan we iedereen voorbij en drijven het tempo op.” Zijn terreinkennis is nog steeds uitstekend. Ik ben een trouwe luitenant maar in de bocht zelf moet ik al een gaatje laten. Even alle zeilen bijzetten om terug in het wiel te komen en gas te geven. Een heerlijk gevoel, tot ik hem in de tweede helft van deze strook toch een beetje zie wegrijden. En nog even verder bijna van mijn fiets val van verbazing. Johan rijdt zonder handen. Dit tart alle verbeelding. Het is als Iljo Keisse die bovenaan de piste zonder handen rijdt, in het kwadraat. Zonder handen op kasseien, dat kwam zelfs nog nooit bij mij op. Ik moet denken aan zijn Jasmine die zeven jaar terug verbaasd 'Wat doe je nu?' riep. Dat was nog vóór ze ten huwelijk werd gevraagd.

Drie bochten verder wacht reeds Carrefour de L’Arbre, de meest beruchte strook die ook bij niet fietsliefhebbers bekend is. Met reden. Wat ik daar zag heeft me diep geraakt. Wat ik daar zag heeft me blij gemaakt. (Van Terpstra geleerd) Haaks naar links, rechts, links. In Vlaanderen kan ik best aardig over een kassei rijden, vind ik zelf, maar op secteur 4 lijk je dat allemaal verleerd te zijn. Schrik voor eigen lijf, zorgen om mijn rollend materieel en onkunde om het tempo erin te houden als ik naar de zijkant drift. De putten, bochten en de halve meter lager liggende zijkanten zijn een marteling. En de tegenwind helpt ook al niet. Nog even, tot het huis aan de linkerkant. Het lijkt eeuwig te duren. Het was hier dat Summie in 2011 meter voor meter wegreed van de medevluchters. Maarten Tjallingii was de laatste die afhaakte. Le Géant Flamand was begonnen aan een solo van ruim 15 kilometer. Cancellara knokte nog in de achtergrond, maar hij moest tevreden zijn met de tweede plaats. Vansummeren won.

Die Johan is trouwens best nog in vorm. Ik zie hem op Gruson en Hem links en rechts indrukwekkend voorbij zoeven, tot hij op de laatste strook aan de kant staat met een wiel in de hand. Uitkijkend naar de passage van onze VW volgwagen die alle terreinen aankan (met dank aan garage Thoen). De BikeKing, de mobiele fietshersteldienst die steevast op de afspraak is, voorziet de kampioen snel van een nieuw wiel zodat we in groep naar de piste kunnen rijden. Iets te veel druk afgelaten blijkbaar… Even worden we nog opgeschrikt door een valpartij van Wouter die naast de weg gesukkeld was. Overwin je de slechtste stenen, en gaat het nog mis vlak na de laatste strook. Zonder veel erg gelukkig. Het levert hem achteraf zijn eigen trofee op als pechvogel van de dag.

Na zestien verkeerslichten in het centrum van Roubaix rijden we over Espace Crupelandt en slaan we af richting piste. We spotten er ook nog Ballan bij het binnenrijden. “Moet ik nog geld van”, hoor ik Johan zeggen. Maar de lokroep van het ovaal is groter. Enkele rondjes op de inmiddels opgedroogde buitenpiste zijn als verleiding te groot. Een paar rondjes later ligt mijn fiets vol stof uit De Hel terug in de auto en ik wandel als een blij kind door de legendarische douches van Roubaix. Stenen muurtjes met naamplaatjes van winnaars in een, op z'n Frans, willekeurige volgorde. Johan hangt naast Eddy Merckx in goed gezelschap, en het is voor hemzelf ook de eerste keer dat hij de ruimte binnenkomt. De douches hebben een trekkoordje om het water te laten stromen (maar wij moeten ze wel droog houden). Ik ga er even zitten, sluit de ogen en voel me op deze fantastische paasmaandag een overwinnaar van de stenen. De kassei voor aanstaande zondag staat al klaar. Benieuwd wie hem, zeven jaar na Vansummeren, mee naar huis zal nemen.

Tags: