Belcantour 2019, Weemoed naar nattigheid

De hitte van de voorbije dagen doet me weemoedig terugdenken aan de weersomstandigheden van de afgelopen Belcantour. Het was een zondagochtend, midden mei. Bij het optrekken van de rolluiken concludeerde ik dat dit toch echt geen weer was voor de tijd van het jaar. Somber, grijs, en vooral nat. Het water viel niet met bakken uit de lucht, maar een regendouche was het wel. De boeren klaagden niet, deze wielertoerist daarentegen…

07/07/2019 - Tekst: Gilles Bultinck // Foto's: Belcantour, Union Cyclotouriste Houplinoise

Omdat niemand van mijn fietsvrienden het ziet zitten om helemaal vanuit de Kempen naar het verre Westouter te rijden, kan de achterbank van de wagen plat. Op die manier kom ik ondanks het druilerige weer toch aan de start met een schone fiets. Om 7u30 zet ik aan, volledig in thema, vergezeld door de muziek van onze Vlaamse troubadour Guido Belcanto. Ik ga vandaag immers zijn toertocht in de Westhoek en Frans-Vlaanderen rijden. Voorlopig houdt het slechte weer me niet tegen. Ik ben er bovendien op gebrand om een foto met Guido te vragen. Normaal ben ik niet zo’n groupie, maar voor hem maak ik graag een uitzondering.

Geen ontmoeting met Guido

In Westouter aangekomen - onderweg stopte het enkel met regenen in de Kennedytunnel – vind ik vlot de goed aangeduide parking. Aan de inschrijvingen spot ik een celestekleurige Bianchi. Groot is dan ook mijn ontgoocheling wanneer een andere deelnemer vanuit de richting van de inschrijvingstafel naar de fiets komt gewandeld. Niet de fiets van Guido dus.

In de streek van Eigen Kweek

De ontgoocheling om de gemiste ontmoeting zorgt ervoor dat de moed samen met het regenwater in mijn fietsschoenen zakt. Ik kleef de framestickers met daarop de belangrijkste elementen van het parcours op de bovenbuis van mijn fiets. Ik neem zowel de versies van 130, 105 en 75 kilometer mee, maar eigenlijk hou ik alleen mezelf voor de gek. Ik draag ondertussen elk jasje dat ik heb meegenomen en nog steeds bibber ik van de kou. Klokslag tien uur vertrek ik richting Zwarteberg, de eerste beklimming van de dag. Een betere manier om de koude te verjagen, bestaat er niet. Of toch. Bovengekomen op de grote weg kan er rechtsaf richting Kemmelberg gereden worden. Gelukkig wijzen de pijlen van de Belcantour me de andere kant op. Even krijg ik het echt warm. Als “Eigen Kweek”-fan van het eerste uur, hou ik boven op de Mont Noir halt voor een foto van de Cordobakabelbaan, de bekendste stoeltjeslift van het Heuvelland en omstreken. Nadien gaat het over smalle, glooiende wegen verder. Bij elke blinde bocht hoop ik dat Frank Welvaert (het personage uit Eigen Kweek dus) niet met “Den Otto” vanuit de andere richting komt gereden. Ik bevind me immers in de Westhoek, waar kinderen eerder een rallywagen leren besturen dan dat ze de maaltafels aangeleerd krijgen. Toch blijkt mijn vrees onterecht want tijdens mijn tocht kom ik hoop en al vijf wagens tegen. Waaronder effectief een oude, tot rallywagen omgebouwde Peugeot. En die was vier bochten op voorhand al hoorbaar. Maar ook het aantal fietsers is beperkt. Vanuit velden en struiken komen met de regelmaat van de klok mountainbikers opgedoken die aan de offroad-versie van de Belcantour deelnemen. Zij zien er in ieder geval niet uit alsof ze straks van moeder de vrouw in hun modderplunje thuis binnen zullen mogen.

De Belcantour gaat ook off-road

Een klein gelukje

Bewonderenswaardig trouwens hoe de organisatie duidelijk de voorkeur geeft aan mooie, autoluwe wegen, eerder dan op zoek te gaan naar zoveel mogelijk ijkpunten. De bovenbuisstickers zijn inhoudelijk dan ook beperkt, zeker als je de aanduiding van de bevoorradingen even wegdenkt. Na minder dan twintig kilometer passeer ik al het hoogste punt van het parcours, de Katsberg. Mont des Cats eigenlijk, want deze 150 meter hoge puist in het landschap bevindt zich op Frans grondgebied. Voor het eerst kom ik een paar trosjes wegfietsers tegen. Ze inhalen doet deugd en even wordt mijn ‘moral’ opnieuw uit mijn doorweekte fietsschoenen getrokken. Ik tracht zo goed mogelijk te verbergen dat ik even hard afzie van de tegenwind als zij. De beklimming van de Katsberg loopt rond de monnikenabdij en de stilte is zowaar sacraal. Ik durf in deze setting amper voluit ademhalen, uit angst om de rust die hier hangt te verstoren. In de afdaling is behalve het opspattende water dan ook enkel het gezoem van mijn banden op het wegdek te horen. Het voelt als een klein gelukje, zelfs in deze miserabele omstandigheden. Via de Yperstraete bol ik weg van Godewaersvelde. Ik vind het fantastisch hoe de Frans-Vlaamse benamingen heel bekend in de oren klinken.

Kiezen voor de korte tour

Na de welgekomen bevoorrading in Oxelaere – waar ik wat bevangen word door de koude door een combinatie van doorweekte kledij, lage temperaturen en een schrale wind – hak ik definitief de knoop door. Op het vijfhonderd meter lange stuk tussen de bevoorrading en de splitsing van de ritten, vind ik helaas geen nieuwe dosis motivatie. Ook geen Kasselberg dus voor mij. Wel volgen na een korte bevoorrading aan de voormalige grenspost van Calicannes nog de Boeschepeberg en de helling van Schakelaere. Maar niet nadat de mannen van 3-action eerst iedere deelnemer nog een ampul Guarana-extract hebben toegestopt. Ik voel de Guarana door mijn lichaam, tot in de toppen van mijn vingers en tenen, en ben na een dipje weer helemaal opgekikkerd om de laatste obstakels van de dag nog aan te kunnen. Met tachtig kilometer op de teller fiets ik de dorpskern van Westouter opnieuw binnen. Aan het einde van het parcours bevindt zich toevallig zo’n self-service handcarwash. Jammer genoeg heb ik geen kleingeld op zak. Gelukkig is er ook een afspuitstand voorzien in de aankomstzone. En die wordt bijlange niet alleen door mountainbikers gebruikt vandaag. Ook ik vermijd op die manier een echtelijke ruzie door mijn fiets pas in de koffer te gooien wanneer hij ontdaan is van het ergste vuil.

Weemoed

Had ik nog een sprankeltje hoop om Guido Belcanto te spotten na de tocht, dan wordt die luchtbel al snel door de organisatie doorprikt. Guido was van plan om te komen, maar het slechte weer weerhield hem hiervan. Gelukkig is er op 26 augustus een nieuwe kans om Guido te zien. Al zal dat dan wel zijn als toeschouwer, want de Belcanto Classic – de koers om te beminnen, niet om te winnen – is opnieuw helemaal uitverkocht. In tussentijd blijf ik weemoedig terugdenken aan die keer dat het nog regende. En aan het prachtige, autoluwe parcours dat in andere weersomstandigheden waarschijnlijk nog zo veel meer te bieden had.

De Belcantour maakt deel uit van de Coppa Grinta!. Ook de volgende weken staan er nog kwaliteitsvolle toertochten op de kalender.
Je vindt ze allemaal via deze link.

Met dank aan Futurum Quality Gear, partner van deze blog.